|
MEC XIII – 000245 - GEZIN Lauwens – De Grauwe
1607 Mechelen (Sint-Rombout)
Peter Lauwens huwde op 20 oktober 1607 in Mechelen Sint-Rombout met
Elisabeth De Grauwe (Lijsbet, Lesken, Grauwels, De Graue). Getuigen
bij het huwelijk waren Rombout De Grauwe, vader van de bruid, en Antoon van
Uuthem. Het gezin woonde in de Vettersham,
de wijk van de Huidenvetters in de parochie Mechelen Sint-Rombout. Beide echtelieden woonden in
Walem voor het huwelijk. Peter Lauwens was geboren omstreeks 1579 in
Mechelen als zoon van Jan Lauwerens (Laureijs) en Anna van Laer
[ZIE
MEC XII - 000164]. Elisabeth De Grauwe was
geboren omstreeks 1587 in Mechelen als dochter van huidenvetter en Mechels
schepen Rombout De Grauwe en Barbara Van Orshaeghen.
Vader Rombout De Grauwe was ook
lakenverkoper, behoorde tot het kousenmakers ambacht, was onderhoofdman van
de schermers in het broederschap Concordia en van de Pioenen en overleed op
27 februari 1597 in de Sint-Rombout parochie.
·
Catherine Lauwens werd
gedoopt op 1 november 1601 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren
nonkel Frans Lauwens (Laureijs) en tante Catherine van
Cleynenberch (van Cleynenbergh). Zij was geboren in Walem en was
jong overleden. Een volgende dochter kreeg dezelfde voornaam.
·
Catherine Lauwens werd
gedoopt op 11 mei 1603 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren nonkel
Gielis Verhoeven en tante Catherine van Brabant. Zij was geboren in
Walem.
·
Petronilla Lauwens werd
gedoopt op 5 november 1607 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren
nonkel Jan Broers en tante Elisabeth De Ridder.
·
Jacques Lauwens werd
gedoopt op 29 november 1609 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren
nonkel Jacques Van den Bossche en tante Elisabeth De
Ridder.
·
Peter Lauwens werd
geboren op 1 januari 1611 in Walem. Hij huwde Hélène Van Coetsem (Van
Ceutsem, Van Cutsem) [ZIE MEC XIV - 000394].
·
Elisabeth Lauwens werd
gedoopt op 10 juni 1612 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren grootmoeder
Elisabeth De Grauwe en tante Elisabeth De Groote.
·
Rombout Lauwens werd
geboren op 3 november 1613 te Walem. Hij overleed jong en een volgende zoon
kreeg dezelfde voornaam.
·
N.N. Lauwens werd levenloos geboren op 8
september 1614 in Mechelen Sint-Rombout. Getuigen waren nonkel Jan Van Es
en tante Anna De Grauwe.
·
Frans Lauwens werd
gedoopt op 6 september 1617 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren
nonkel Frans van Dormael en tante Anna Spiers. Hij huwde op 16
januari 1652 in Mechelen Sint-Katelijne met Barbara Baten (Batens, Baetens)
[ZIE MEC
XIV - 000395].
·
Rombout Lauwens werd
gedoopt op 3 december 1619 in Mechelen Sint-Katelijne. Doopgetuigen waren
nonkel Rombout De Grauwe en Marie N.N..
·
Karel Lauwens werd
gedoopt op 10 september 1623 in Mechelen Sint-Katelijne. Doopgetuige was
nonkel Karel Bogaerts.
|

Foto: binnenzicht Sint-Romboutskathedraal
Mechelen met bovenaan een imposant heiligenbeeld van Lucas Faydherbe (1617-1697)
aan het hoofdkoor [© foto
laurentii, private collectie, 2024]. Het beeld was er nog niet in 1607 en gezien
de vele verbouwingen in de eeuwen nadien, was het niet helemaal het zicht
dat het gezin Lauwens-De Grauwe heeft gekend. De kerk was nog niet zo
rijkelijk geornamenteerd.
De
Sint-Romboutsdevotie dateerde van de 9e eeuw. Er was een kapel
op het Sint-Romboutskerkhof tegenover de Sint-Katelijnestraat die in 1580
werd verwoest en in 1597 werd heropgebouwd, een decennium voor Peter
Lauwens en
Elisabeth De Grauwe elkaar het ja-woord gaven in de parochie. Buiten de
stadskern in de “Holm” moet er overigens al een bescheiden Sint-Romboutskerk zijn
geweest voor de latere Sint-Romboutskerk binnen de stadsmuren vorm kreeg.
Deze huidige kerk was
ingewijd op 28 april 1312, werd na een brand in 1342 hersteld, en werd in
1559 verheven tot kathedraal bij de stichting van het bisdom Mechelen. Tussen
1580 en 1585 was de kerk voor de protestantse eredienst gebruikt en waren
elementen die aan de roomse eredienst herinnerden verwijderd. Op 4 augustus
1585 was de kerk opnieuw gereconcilieerd.
In de periode dat
Peter en Elisabeth er huwden, werden volop herstellingswerken uitgevoerd
aan daken, gewelven, en werden ijzeren trekstangen geplaatst. Omstreeks
1625-1626 werden de noordelijke en zuidelijke transeptportalen gebouwd en
die werden nadien nog voorzien van bijgebouwen. De preekstoel kwam er pas
in 1723, en het meubilair werd in 1775 gedeeltelijk vernieuwd, en ook de
daarop volgende eeuwen werd het interieur verder verfraaid.
1601 – De verwoeste abdij van
Roosendael in Walem bij Mechelen
Walem was een zelfstandige parochie en gemeente
tot de fusies van 1977. Het behoorde tot het hertogdom Brabant in het ‘Land
van Mechelen’ terwijl Mechelen in oorsprong een enclave was van het
Prinsbisdom Luik. Bij de indijking van de polder Battenbroek in 1200 week
het overstromingsgevaar van de Nete en beschikte men over vruchtbare grond.
In 1227 werd de Abdij van Rozendaal gesticht door de cisterciënzeressen op
de grens met Sint-Katelijne-Waver en Walem, meer bepaald tussen 1220-1227
door Oda en Elisabeth, dochters van Gielis Berthout, de heer van Duffel
[zie foto van het Pesthuis bij de
Abdij uit 2015, op dat moment op het grondgebied van de gemeente Sint-Katelijne-Waver
– foto onder Creative Commons licentie, Torsado de Pointes]. In de 15e eeuw kwam de gemeente echt
tot bloei door de lakennijverheid. In 1542 werd het dorp verwoest door de
Gelderse geuzen van Maarten van Rossum, die de kerk Onze-Lieve-Vrouw van
Bijstand in brand staken, en in 1576 door Spaanse troepen, inclusief de
kerk die opnieuw werd afgebrand en die vervolgens in 1580 nagenoeg totaal
werd vernield door calvinisten. De abdij van Rozendaal werd in 1578
grotendeels door brand vernield en de kloosterlingen verhuisden naar hun refugiehuis
in de Bleekstraat in Mechelen. In de periode dat de kinderen van Peter
Lauwens en
Elisabeth De Grauwe er werden geboren, herstelde de gemeenschap en was de
nabij gelegen abdij een ruïne en het herstel van de kerk liet op zich
wachten tot 1617-1618, waardoor de parochianen uitweken naar de Mechelse
Sint-Romboutskerk. De abdij van Roosendael werd tegen 1661
heropgebouwd, en het Pesthuis stamde uit deze periode.
|