Afbeelding met tekening

Automatisch gegenereerde beschrijving

© Laurentii.be, 2026

 

Genealogie Laurentii

Numquam solus incedes

 

Inhoud (hoofdmenu)

 

·         Blog

·         E-boeken (pdf)

·         Gezinsreconstructies (per gemeente)

·        Genealogie (deze reeks)

·         Indices (zoekfunctie)

·         Startpagina (Home)

·         Thematisch

·         Verhalen (chronologisch)

·         Verwante families

________________________

Verwante stamlijnenontstaan

Voornaamste stamlijnen, datum ontstaan familiewapen is bij benadering

[*] rechtstreekse voorouders auteur

 

 Lauwens / Lauwers Hombeek-Leest (Kleinbrabant)1568

 Lauwens / Lauwers andere van voorouderlijke lijn1568

^

Afbeelding met symbool, embleem, wapen, clipart

Automatisch gegenereerde beschrijving1468 Lauwereyns van Watervliet

Afbeelding met tekst, symbool

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met tekst, logo, symbool, tekenfilm

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met symbool, embleem, wapen, insigne

Automatisch gegenereerde beschrijving1506  1540 Lauwereyns, Lauwerens, Lauwens, Lauwers

1571 Lauwers (graafschap Vlaanderen)

1550 Lauwers (Holland)

1636 Laureinsens

image0561464  Lauwereyns van Terdeghem

^

image006.jpg865-1247  Lauwereyns van Diepenhede (+ heren van Cadzand)

________________________

 

 

LEE XIV – 000406 - GEZIN Lauwers – Persoons 1655  Leest [*]

 

Peter Lauwers  huwde op 1 juli 1655 in Leest Sint-Niklaas met Johanna Persoons. Getuigen bij het huwelijk waren de vader van de bruid Peter Persoons en koster Jacques Elias. Johanna Persoons was zwanger toen zij huwden. Hun eerste zoon Rombout werd geboren vier maanden na het huwelijk. Peter Lauwers was gedoopt op 31 mei 1628 in Hombeek Sint-Maarten als zoon van Hans (Jan)  Lauwers  en Anna Van der Borght [ZIE HOM XIII – 000305].  Johanna Persoons was gedoopt op 11 november 1630 in Hombeek Sint-Maarten als dochter van Peter Persoons en Catherine Muyldermans Afbeelding met handschrift, tekst, kalligrafie, Lettertype

Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist.(Moldermans). Zij kenden elkaar van in hun kindertijd en jeugd in Hombeek.

 

Afbeelding: de melding van het huwelijk in het register van de Sint-Niklaasparochie in Leest in 1655.

 

Johanna overleed op 19 september 1669 in Leest op 38-jarige leeftijd enkele maanden na de geboorte van hun jongste kind Joos Lauwers . Dat maakte dat Peter Lauwers achterbleef met heel wat jonge kinderen: Rombout was als oudste net geen 14, Jan was 12, Simon was 11. De jongste kinderen Frans en Joos waren net geen 4 en net een maand oud. Peter hertrouwde op 41-jarige leeftijd, kort na het overlijden van Johanna Persoons, op 3 december 1669 in Leest Sint-Niklaas met Anna Bulens [ZIE LEE XIV – 000522]. Peter zou op 11 september 1697 in Leest overlijden op 69-jarige leeftijd.  

 

·         Rombout Lauwers  werd gedoopt op 26 oktober 1655 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren koster Jacques Elias namens Rombout Mares[1] (des Mares) en Clara Van den Broeck[2]. Hij huwde Barbara Jacops [ZIE LEE XV – 000574] [*] en hertrouwde met Constance Van der Straeten (Verstraeten) [ZIE LEE XV – 000655].

·         Jan Lauwers  werd gedoopt op 19 maart 1657 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren Jan Van Tilt (van Thielen) de jonge[3] en tante Catherine Van Nieuwenhuijze[4]. Hij huwde Johanna Lamberts [ZIE LEE XV – 000582]. 

·         Simon Lauwers  werd gedoopt op 26 augustus 1658 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren Simon De Voocht[5] en tante Maria Adriaenssens (Adriaens). Hij huwde Petronilla Geerts [ZIE LEE XV – 000603] en hertrouwde met Anna Bijgodt [ZIE LON XV – 000727].

·         Peter Lauwers  werd gedoopt op 11 maart 1660 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren grootvader Peter Persoons[6] en grootmoeder Anna van der Borght. Hij huwde op 29 november 1686 in Mechelen Sint-Katelijne met Pauline Van Baasrode [ZIE MEC XV – 000610] en hertrouwde omstreeks 1697 met Barbara Cleymans [ZIE WIL XV – 000647].

·         Andreas Lauwers  werd gedoopt op 24 maart 1662 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren nonkel Andreas Diddens en tante Petronilla Lauwers  namens  Maria de Clercq. Hij overleed op 7 februari 1663 in Leest, net geen jaar oud.  In 1660 was E.H. Nicolaas de Clerck aangetreden als pastoor in opvolging van E.H. Alexander Steemans.

·         Anna Maria Lauwers   werd gedoopt op 25 januari 1664 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren nonkel Peter De Laet en tante Anna van Hanswijck[7]. Zij overleed op 30 oktober 1669 in Leest op 5-jarige leeftijd.

·         Frans Lauwers  werd gedoopt op 8 december 1665 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren nonkel Jan Verhoeven en Anna Françoise Dyver namens Maria Carolina de Bouvekercke[8].

·         Jacques Lauwers  werd gedoopt op 21 september 1667 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren Jacques Bulens en tante Josine Lauwers . Hij overleed op 14 maart 1668 in Leest, net geen 6 maanden oud.

·         Joos Lauwers  werd gedoopt op 12 augustus 1669 in Leest Sint-Niklaas. Doopgetuigen waren nonkel Joos De Laet[9] en tante Maria Loyckx[10]. Hij huwde met Elisabeth Leemans [ZIE LEE XV – 000639].

 

 

Lauwens “van de graaf” en de schrijfwijzen Lauwens en Lauwers in de omgeving van Mechelen

Aan de tijdgenoten van (de Hombeekse) Peter Lauwers , die in 1655 in Leest huwde met Jeanne Persoons, zouden de Leestse nakomelingen hun bijnaam "van de graaf" te danken hebben. Er was een binding met de graaf van Humbeek[11], maar de verwijzing kon net zo goed betrekking hebben op de  relatie met de familie de Clercq die als doopgetuigen optraden bij de kinderen van Peter en Johanna.

Meer waarschijnlijk was dat zij de bijnaam erfden van hun voorouders in Mechelen, waar er twee vormen van loyauteit waren, één maal “aan de hertog” (van Brabant) en één maal “aan de graaf” (van Vlaanderen en nadien Bourgondië).

“Lauwers” of “Lauwens”? Beide schrijfvarianten kwamen voor. Er was zelfs een Eppegemse pastoor die noteerde in het parochieregister dat hij voortaan nog enkel “Lauwers” zou noteren, al namen uitwijkelingen van de parochie wel eens opnieuw de naam “Lauwens” aan. De takken die “de heren des cooninx” of de hertog van Brabant genegen waren, dan wel de graven, hadden dezelfde voorouders in het Graafschap Vlaanderen en waren ook vertegenwoordigd in volgende stamlijnen die elders in het voormalige hertogdom en daarbuiten, zouden gaan wonen. In ieder geval was het geen sinecure om de familienamen correct te noteren in Mechelen. Oorspronkelijke namen als Lauwaerts voor Lauwers, Laureijs, Lauwereijs, Laurin en schrijfvarianten als Lautens, Laukens, Lauwkens, laat staan Lans en Lanssens als afkortingen in Mechelse parochieregisters, voor Lauwens maakten het nog meer ingewikkeld.

Intussen bleven er families in het voormalige Graafschap Vlaanderen, die evengoed bij familienaam varianten als Laureijs, Lauwereijs, Laureijssens, Lauwers en Lauwens gingen. Niet al deze “Laurentii[12] waren noodzakelijk verwant. De oorspronkelijke familienamen konden anders en onder ander vorm zijn ontstaan als patroniem van “zoon van Laurens”. Zo komen nu nog families Laureys, Lauwereijs, Lauwereyns en andere voor. Een familienaam als “Lauwen” ontwikkelde in het noorden van de Nederlanden bijvoorbeeld uit een voorouder die Peter Luyten heette en was niet verwant.

In Mechelen en omgeving vonden we sporen van zowel de “hertogelijke” als de “grafelijke” takken, en het ging met enkele eeuwen verschil telkens om inwijking vanuit het graafschap Vlaanderen naar het hertogdom Brabant. De oudste vermelding van de familienaam vonden we omstreeks 1321 op de Scheiselberg in Mechelen, en in 1390 in Walem bij Mechelen, enkele decennia nadat zowel het graafschap Vlaanderen als het hertogdom Brabant onder Bourgondische voogdij kwamen. Van de Grimbergse lijn vonden we sporen vanaf 1464, inwijking vanuit het Graafschap Vlaanderen omstreeks 1495, eenentwintig jaar nadat Mechelen de hoofdstad van de Nederlanden werd. In de omgeving van Haacht dateerden de oudste sporen zelfs van omstreeks 1260. Al in de 14e eeuw werd er geflirt met zowel Antwerpen als Mechelen (en vermoedelijk ook ander hertogelijke steden als Huldenberg en Leuven) als plaats waar men een leven wilde uitbouwen.

De oudste vermeldingen binnen en buiten de stad Mechelen[13] dateerden uit de 14e eeuw. In 1454 werden de begrafenissen vermeld van “Laurentii” Hendrik, een lekenbroeder, en Johan, een sub prior. Dat waren bij ons weten de eerste meldingen waarmee de familienaam rechtstreeks in verband met de stad Mechelen kon worden gebracht, terwijl oudere meldingen eerder gingen over de omgeving buiten de stadspoorten van Mechelen.

 

Adellijke families in de omgeving

Bindingen met adellijke families bleken onder meer uit de adellijke doopgetuigen bij de kinderen van Peter  en Johanna: Maria de Clercq bij de doop van André Lauwens  op 24 maart 1662, en Maria Carolina de Bouvekercke bij de doop van Frans Lauwens  op 8 december 1665. Het gaat hier om Maria de Clercq de Bouvekercke of “Noble dame Margte le Clercq dite de Bouvekercke” die in 1713 vermeld werd op een grafschrift in de Sint-Niklaaskerk in Leest als echtgenote van "Jean Gerlaijs, vivant vicompte Dupigny Seigneur haut Justicier du dit lieu seigneur de Creux, Hedenge, membre des états du comté de Namur".

Doopgetuige Clara van den Broeck was van de familie van den Broecke (van de Broucke) die in Leest leenman (pachter) waren van de familie de Clercq-de Bouvekercke. De familie de Clercq-de Bouvekercke was een adellijke familie die nauwe banden had met Leest en die haar wortels had in het Graafschap Vlaanderen. Bij de eenmaking van Vlaanderen en Brabant onder de Bourgondiërs eind 15e eeuw, was de familie ook aanwezig in het hertogdom Brabant.

Afbeelding: een familiewapen de Clercq gevoerd in 1885 in Nederland (bron: Vosterman – Van Ooyen). Merk het behoud van de sterren.

In 1621 werd vermeld dat Karel de Clercq de Bouvekercke aan Anna Schoof 25 Carolusgulden erfelijke rente gaf op een hoeve met 30 bunder het Hof te Moortere onder Leest. Anna Schoof(s) was verwant met Margaretha Schooffs die met Karels vader Willem was gehuwd. De moeder van Karel de Clercq, Margaretha Schoof(f)s, was overleden op 23 augustus 1598 en werd begraven met haar man bij de Arme Klaren in Mechelen. Zij was een dochter van ridder Jacques Schooffs en Anna Voosdonc. De familie Bulens pachtte van deze familie. Buiten 1642 roeden verbonden aan het Hof ter Moortere pachtte Willem Bulens 5 bunder, 3 dagwand en 80 roden land en weidegrond van mevrouw de Bouvekercke en 212 roeden land en weidegrond van graaf van der Nat, terwijl hij zelf nog 37 roeden elsbos “tegen den Molenbemt” bezat.

In 1632 werd jonker Jan Jerome de Clerc, heer van Bouvekercke vermeld als zoon van Karel de Clerc en als kleinzoon van diens vader Charles de Clerc, voorheen burgemeester van de stad Mechelen. Jan Jerome werd vermeld op 20 januari 1647 als hoofdman van de handboogschuttersgilde Sint-Sebastiaan in Leest. “Jean-Jérome le Clercq, seigneur de Bouvekercke et de Brouck (Hof van den Broucke)” had een zoon Jan Baptist le Clercq die huwde met Agnes van Huldenbergheook genaamd Van Der Borght, vrouw van Moerzeke en Castel. Jan Jerome was zelf gehuwd met Françoise de Rantere, dochter van Karel van Rantere, lid van de Grote Raad van Mechelen. Zijn zus Marie de Clercq, die als meter optrad bij kinderen van Peter en Johanna Persoons, was gehuwd met Jean Gerlaijs, voormalig lid van de Grote Raad van Mechelen.

 

Afbeeldingen: overblijfselen van het 'Hof Van den Broecke'[14] in 1910 en het familiewapen van de Clerck-de Bouvekercke.  De familie was in de 16e eeuw eigenaar van Hagelstein[15], en een fragment van dit wapenschild sierde de gelijknamige school te Sint-Katelijne-Waver. 

 

Kaart uit 1723 met daarop het Hof 'Van den Broecke in Leest, bezit van de adellijke familie de Clercq de Bouvekercke. Het “Hof Van den Broecke” lag in de grote Zennebocht in Leest. Het omvatte een grote kouter van 120 bunder en het merendeel van de Leestse beemden. Tussen 1321-1324 was Jan van den Broecke heer van de leenhoeve. In de 16e en 17e eeuw kwam het in handen van de heren de Clercq de Bouvekercke.

Afbeeldingsresultaat voor Hof ten broeck leest                   

 

 

Afbeelding: het logo van Hagelstein in 2019 bevat nog één ster uit het oorspronkelijke wapen de Clercq. Deze ster werd gecombineerd met het “Pax Christi” logo en een bierton, een overblijfsel van het wapen van de eerste heren van Hagelstein (van der Laen) die drie biertonnen voerden in hun familiewapen [zie afbeelding rechts: familiewapen van der Laen, 17e eeuw].

 

Afbeelding met buitenshuis, gebouw, hemel, kapel

Automatisch gegenereerde beschrijvingLauwens en Persoons in Leest

Uit de verwanten mag blijken hoe de familie verankerd was in de streek, in Zemst, Hombeek, Mechelen, Blaasveld en Leest. Uit het overzicht van het Bundergeld, weten we dat Peter onder meer grond pachtte en bewerkte van het klooster van Muizen, van Andries De Nyn en van Joos De Laet in 1674[16]. Ook de familie Persoons had banden met Leest. De familie woonde in de streek en had er belangen. Een Adam Persoons, zoon van Peter Persoons en Liesbeth Wildelants, uit Mechelen, bezat een huis en land in de parochie Leest. Hij erfde het eigendom volgens een akte van 23 mei 1587 van zijn moeder.

Deze Adam Persoons werd in 1599 in Leest vermeld als meier, na herstellingswerken aan de Sint-Niklaaskerk. Vermoedelijk was het eigendom via Persoons die de Hombekenaren Peter Lauwers en Johanna Persoons betrokken in 1655. Het huwelijk moet snel zijn geregeld, want Johanna was bij het huwelijk al vier maanden zwanger.

Afbeelding met buitenshuis, verven, hemel, wolk

Automatisch gegenereerde beschrijvingAfbeelding: het kasteel “Carmosteyn” in Hombeek was een vertrouwd zicht in de 17e eeuw. Het kwam in 1670 in het bezit van Jan Antoon Loquet. Na de Franse revolutie kwam het in verval en het werd gesloopt in 1826[17].

We weten dat Peters vader Jan was overleden omstreeks 1645, en dat zijn moeder Anna Van der Borght op 9 november 1646 in de Sint-Niklaaskerk in Leest was hertrouwd met Jan Aerts, die er eerder op 8 november 1626, gehuwd was geweest met Anna Bulens. Het huwelijk van Jan Aerts met Anna Van der Borght was van korte duur geweest, gezien stiefvader Jan Aerts overleed op 1 september 1650. Inmiddels was de oudste zoon van Anna Van der Borght op 10 november 1647 in de Sint-Martinuskerk in Hombeek gehuwd met Johanna Ceuleers en deze had de ouderlijke boerderij in Hombeek overgenomen. De familie Aerts zou aantrouwen met de familie Persoons via Johanna Aerts die in Leest op 6 juli 1660 huwde met Gielis Persoons.

In 1663 kreeg Leest met overstromingen te maken. Het centrum, “de Plaetse”, en de pastorij deelden in de wateroverlast en zouden nadien met aarde worden opgehoogd. 

Enkele maanden na het overlijden van Johanna Persoons, hertrouwde Peter Lauwens  op 3 december 1669 in de Sint-Niklaaskerk van Leest met Anna Bulens. De verwantschap met deze familie en de bijzondere omstandigheden – Hij had nog heel jonge kinderen die moesten worden opgevoed – maken dit begrijpbaar. 

 

Jacobus CoeckelberghPieter van BoechoutAfbeelding rechts: het familiewapen Coeckelbergh in 1480-1546. De familie was in Hombeek en Mechelen onder meer verwant met Aerts, Ceuleers, De bruyn, De Wilde, Elias, van den Wijngaert, van Laeck, van Rijmenam, De Keyser, De Laet, Van Dijck, Verlinden, Zegers, Bertels Verschueren en Janssens.

Johanna PersoonsAfbeelding links boven: een gekend wapen van Persoons van Bouchout in het hertogdom Brabant omgeving Meise tussen 1390-1435 en links onder een wapen gekend tussen 1597-1669 uit de omgeving van Hombeek. Deze familie was in de 14e eeuw verwant met Pipenpoy, van Kraainem, van Eppeghem, en in de 15e eeuw met van Wesemael, van Obbergen en Bulens. Het wapen werd omstreeks 1230-1280 in deze vorm ook gevoerd door Catherine van Eppeghem en haar zoon Daneel van Bouchout.

horstMaria VerlindenIn 1080 waren er al meldingen van het geslacht van Bouchout aangehuwd met Walter I “Draekenbaard” van Berthout van Grimbergen. Omstreeks 1320 was Gielis van Bouchout gehuwd met Beatrijs Berthout van Berlaer. Het oudere wapen bestond uit een rood kruis zonder de extra figuur. De vader van Johanna Persoons, Peter Persoons, was schepen van Kapelle-op-den-Bos tussen 1633-1641, de grootvader Stefaan Persoons was in 1595 gehuwd met Maria Verlinden (zie wapen rechts omstreeks 1570), en de overgrootvader Jacques Persoons was gehuwd met Maria van der Horst (zie wapen links omstreeks 1590).

 

De familie de Clerc, ook le Cercq in Mechelen en in Leest

In de kapel van de Sint-Rombouts kathedraal van Mechelen bevond zich een opschrift onder één van de taferelen die het leven van de heilige Rumoldus uitbeelden: “Hier onder leyt begraven Michael die Klarc (de Clerc) die Starf int jaer ons heren 1507, 26 september” met een afbeelding van het familiewapen. Deze stamlijn, waarvan de geografische spreiding bijzonder interessant is, ving aan met Jacques de Clerc of le Cercq, die huwde met Clara de Chantraisne, ook genaamd Broucsaulx uit de omgeving van Arras, Frankrijk. Hun zoon Jan de Clerc, schildknaap van Arras, was er op 19 april 1472 gehuwd met Marie le Fèvre[18], dochter van Mathias le Fèvre Johanna Frescot, die op 17 oktober 1515 was overleden. Jan Declerc  overleed op 15 juni 1516. Net als de voorouders Lauwereyns, had de familie wortels in het graafschap Vlaanderen en Frans-Vlaanderen, met vertakkingen in het hertogdom Brabant.

Jan de Clercq en Marie le Fèvre hadden meerdere kinderen:

·         Karel de Clercq, heer van Bouvekercke en Berlaer, schatbewaarder-generaal van de domeinen en Financiën van de Nederlanden, in 1516 meester en president van de Rekenkamer van Rijsel en vervolgens controleur-generaal van de officieren van keizer Karel V inclusief het koninkrijk Napels, overleden op 20 december 1523. Karel de Clerc huwde (1) met Leonora Lem, dochter van ridder Maarten Lem van Brugge en Agnes van Nieuwenhove, (2) met Isabella de Pau, dochter van Corneel de Pau van Hulst en (3) met Anna Annock, dochter van Philip Annock en Marie Colinzons met wie hij in Mechelen Sint-Jan woonde.

·         Madelène (Magdalena) de Clercq die in het Sint-Franciscusklooster in Bethune zou worden begraven,

·         Robert de Clercq, abt van de Duinenabdij in Vlaanderen in 1519 en overleden in 1557,

·         Nicole de Clercq, gehuwd met Jan Rousset, van Arras, Frankrijk,

·         Hugo de Clercq, heer van Colidart in het koninkrijk Napels, gestorven in 1561, gouverneur en kapitein van de graaf van Sore in het koninkrijk Napels waar hij in Barlette met Margaretha Perussy was gehuwd. Zijn kinderen waren:

Afbeelding met foto, man, vrouw, staand

Automatisch gegenereerde beschrijving

Afbeelding: Charles de Clercq en echtgenote Anne Hannock (Annock) op een triptiek van de Heilige Maria Magdalena, vermoedelijk afkomstig uit de Sint-Janskerk in Mechelen, 1490-1525.

 

Op het schilderij worden zij geflankeerd door de heilige Charlemagne.

o   Camille de Clercq.

o   Lucretia de Clercq, gehuwd met de Italiaanse kapitein Sebastiaan Lombulo de Gayette.

o   Cesar de Clercq, heer van Colidart, schildknaap du Franc de Bruges en gehuwd met Anna Deyn, met kinderen:

§  Jan de Clercq, jong overleden

§  Anna de Clercq, religieuze bij de zusters Annunciaten in Brugge

o   Margaretha de Clercq werd gedoopt op 17 augustus 1557 en echtgenote van Antoon de Hannedouche, heer van Framoel, luitenant van de heerschappij van Bethune.

o   Octaaf de Clercq, kapitein en baljuw van Nieuwpoort die met Marie de Maceblyde was gehuwd, vrouw van Hofland en Poperinge, met kinderen:

§  Robert de Clerc, heer van Hofland, kapitein en baljuw van Nieuwpoort, gehuwd met Anna de Wychuus, dochter van Jan de Wychuus, heer van Wychuus. Hij had een dochter Marie de Clerc die huwde met ridder Peter Blomme, heer van Campagne en Hontsche.

§  Margaretha de Clerc, gehuwd met Alonso de Posso, een Spanjaard.

§  Georges de Clerc, gehuwd met Johanna de la Cornuse en vader van Clara de Clerc die huwde met de Crecquy en op 16 augustus 1738 te Veurne zou overlijden.

·          

·         Karel de Clercq (I) had ook kinderen bij zijn eerste en derde vrouw. Bij zijn eerste vrouw Leonora Lem:

·         Hedwige de Clercq, gehuwd met Louis van Helleweghe, ridder en president van de Raad van Vlaanderen, die woonde te Leuven. Zij hertrouwde met Karel de Tempel, overleed in 1522, en werd begraven in Sint-Goedele in Brussel.

·          

·         De kinderen uit het huwelijk van Karel de Clercq (I) met Anna Annock, met wie hij in de Mechelse Sint-Jansparochie woonde, waren:

o   Margaretha de Clercq, abdis van het klooster Blijdenberg (Bleyenbergh)  van de orde van Sint-Victor in Mechelen[19].

o   Jan de Clercqaartsbisschop van Oristan en van Saint-Juste in Sardagine, overleden op 11 augustus 1526.

o   Philip de Clercq, dokter in de rechten, professor te Padua, apostolisch protonotariuskanunnik van Maastricht, overleden in 1553 en begraven in het klooster van Terhagen in Axel (nu deelgemeente van Terneuzen).

o   Marie de Clercq, gehuwd met Daniel van Bomberghe.

o   Philipotte de Clercq, gehuwd met Louis de Tempel, ridder en burgemeester van Leuven.

o   Philibert de Clercq, heer van Hermelgem en overleden in Calis-malis (in de 16e en 17e eeuw een bij zeelieden aanduiding voor Cádiz in Spanje, de thuisbasis van de ‘Zilveren vloot’).

o   Willem de Clercq, ridder, heer van Bouvekercke, van Broucke en van Loxhem, stafhouder in Mechelen.

o   en jong overleden: Anna, Jacques, Alexander en Lucas de Clerc.

·          

·         Het was Willem de Clercq die op 23 augustus 1635 met Margaretha Schooffs was gehuwd. Hij zou op 10 september 1597 in Mechelen overlijden. Hun kinderen waren:

·         Karel de Clercq (II) vermeld in Leest.

·         Marie de Clercqvrouw van Jan Pipenpoy.

·         Jan de Clercq, heer van Voosdonck, gehuwd met Jeremine van Der Noot en kinderloos overleden in 1619.

·         Katrien de Clercqvrouwe van Loxem, gehuwd met Jan de Baronage, heer van Parcq, Elewijt en Herseaux. Zij overleed in 1613, haar echtgenoot in 1615.

·         Jacques-Willem de Clercq, heer van Engelghem.

·         Adolf de Clercq, gesneuveld in de strijd tegen de Moren.

·         En jong overleden: Anna, Philip, Anna, Floris, Clara, Jacques de Clercq.

·          

·         Karel de Clercq (II) was heer van Bouvekercke, van Brouck en burgemeester van Mechelen. Hij huwde Petronilla de Gottignies, dochter van ridder Gillis de Gottignies. De kinderen uit dit huwelijk:

·         Karel de Clercq (III), heer van Bouvekercke, van Brouck, gehuwd met Marie Van de Venne.

·         Marie de Clerc, religieuze in Leliëndael in Mechelen.

·          

·         Karel de Clercq (III) en Petronilla de Gottignies hadden volgende kinderen:

·         Jan Jerome de Clercq, heer van Bouvekercke, van Brouck, gehuwd met Françoise de Rantere, een dochter van Karel de Rantere, raadsheer van de Grote Raad van Mechelen, en Isabelle van Cranendonck.

·         Marie De Clercq, gehuwd met Jan Gerlays, heer van Uppigny en president van de Raad van Namen, voorheen raadsheer van de Grote Raad van Mechelen en overleden op 10 november 1632.

·          

·         Jan Jerome de Clercq en Françoise de Rantere hadden één zoon:

·         Jan Baptist de Clercq, heer van Bouvekercke en van Brouck. Hij huwde Agnes van Huldenbergook genaamd van der Borghtvrouwe van Moerzeke en Castel, dochter van Jan Karel die heer was van Moerzeke en Castel en van Barbara de la Forge. Dit koppel verliet de streek en vestigde zich te Moerzeke.

·          

·         Met de verhuis van Jan Baptist de Clercq en Agnes van der Borght van Huldenberg, beëindigde de aanwezigheid van de familie in het Mechelse. Dat was ook duidelijk uit het wedervaren van hun kinderen:

·         Philip de Clercq, heer van Bouvekercke, van Moerzeke en Castel, was kolonel in het (Spaanse) leger en overleed in 1710 in Namen. Hij was gehuwd met donna Jacinta Zeol, gedoopt in Barcelona, en zij keerde terug naar haar geboortestad na het overlijden van Philip.

·         Theresa de Clerc, gehuwd met don Thomas de la Noieva y Tapia, een Spaanse infanteriekapitein die met zijn vrouw naar Spanje zou verhuizen.

·         Marie de Clercq, gehuwd met Ferdinand van der Stegen, heer van Ovenloo en van Langhemeersch, luitenant bij de cavalerie van Holland, overleden op 14 februari 1717 en begraven in Moesche.

·          Fernandine de Clercqvrouwe van Moesche en van Castel, gehuwd met Willem Frans Jacobs, heer van Korbeek-op-de-Dijle en van Steenberghe, kapitein bij de Waalse infanterie, overleden in 1731. Zij overleed op 13 december 1724.

·         Josef de Clercq, kapitein in de cavalerie en na de dood van zijn broer heer van Bouvekercke, van Moerzeke en Castel. Hij huwde donna Maria Franco, vestigde zich te Moerzeke en liet bij zijn overlijden op 20 mei 1718 het heerschap van de domeinen Moesche en Castel aan zijn zus Fernandine.

Nicolaas de Clerck was tussen 1660 en 1693 pastoor van de Sint-Martinusparochie in Hombeek.

Afbeelding: onder pastoor Nicolaas de Clerck kreeg de parochiekerk van Hombeek een grondige facelift.

 

 

 

 

 



[1] Hij was op 23 februari 1637 in Mechelen Sint-Rombout gehuwd met Elisabeth Goris alias Bruers.

[2] Zij was op 1 mei 1657 in Leest Sint-Niklaas gehuwd met Jan Bulens, pachter op de Jezuietenhoeve in Leest, een zoon van Jan Bulens en Anna Peeters. Clara was een dochter van Nicolaas Van den Broeck en Digna Persoons. Digna was een nicht van Johanna werd gedoopt als dochter van Stefan Persoons en Marie Verlinden

[3] Hij was een zoon van Hans (Jan) Van Thielen en Goedele Van Doren werd gedoopt op 1 september 1607 in Mechelen, en was op 10 november 1638 in Hombeek Sint-Maarten met Elisabeth Soetewey.

[4] Zij was op 26 juli 1656 in Leest Sint-Niklaas hertrouwd met Matheus Persoons, de oudste broer van Johanna Persoons. Maria Adriaenssens was toen weduwe van Willem Verschueren met wie zij op 24 november 1627 in Mechelen was gehuwd.

[5] Hij was geboren op 10 september 1624 in Mechelen als zoon van Jerome De Voocht en Anna Pauwels.

[6] Peter Persoons was op 26 september 1621 in Leest gehuwd met Katrien Muyldermans. Grootmoeder Catherine Muyldermans overleed enkele maanden na de geboorte van Johanna’s zoon Peter Lauwers , op 21 mei 1660. Grootvader Peter Persoons overleed op 16 januari 1663 in Leest.

[7] Zij was op 24 november 1648 in Leest Sint-Niklaas gehuwd met Jan Verlinden, een zoon van Jan Verlinden en Johanna Daems. Naast vader Jan Verlinden was ook Jacques Elias getuige bij het huwelijk.

[8] Maria Carolina de Bouvekercke'Noble dame Margte de Clercq dite de Bouvekercke' werden in 1713 vermeld in een grafschrift in de Sint-Niklaaskerk in Leest als echtgenote van "Jean Gerlaijs, vivant vicompte Dupigny Seigneur haut Justicier du dit lieu seigneur de Creux, Hedenge, membre des états du comté de Namur" De familie de Clercq-de Bouvekercke was een adellijke familie van wie o.m. ridder Willem in 1500 werd vermeld als schout van Mechelen. De familie was rond die tijd eigenaar van Hagelstein, en hun wapenschild sierde de gelijknamige school in Sint-Katelijne-Waver. Tussen 1531 en 1565 verkocht ridder Philip de Clerck - de Bouvekercke het domein, ongeveer 45 bunder groot met kasteel inbegrepen, aan Nicolaes van der Laen. Willem de Clerc, heer van Bouvekerke, werd genoteerd als lid van de Peoene in Mechelen omstreeks 1548. Charles de Clercq de Bouvekercke was burgemeester van Mechelen. Hij was gehuwd met Petronilla de Gottignies, overleden op 31 oktober 1602, terwijl Charles overleed op 5 mei 1602. Merk dat Arnould de Gottignies werd vermeld als heer van Geertruy-Machelen, en als kolonel van de Waalse infanterie, in dienst van de koning van Spanje in de Nederlanden werd gedoopt op 15 april 1535 en overleden op 13 april 1575. De erfgenamen de Bouvekercke worden nog vermeld te Zemst in de 17e eeuw in de "Goedenissen van de schepenbank de Oliveten". De familie de Clerck-de Bouvekercke bekleedde hoge ambten in het Mechelse, o.m. aan het hof van Maximiliaan I, Filips De Schone en Karel V, onder de Bourgondisch-Habsburgse vorsten.  Ook de van der Laens waren een ridderfamilie die in het nabijgelegen Mechelen hoge ambten uitoefenden, waaronder het burgemeesterschap. De familie kwam oorspronkelijk uit Haarlem (Holland) en zij was verwant met Willem III de Goede, graaf van Holland, Zeeland en Henegouwen (1304 - 1337).

[9] Hij was H.-Geest meester en schepen van Ophombeek en was op 17 april 1649 in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle gehuwd met Catherine Rombouts. Joos was een zoon van Peter De Laet en Clara Coeckelbergh. De ouders waren gehuwd op 28 september 1618 in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle.

[10] Zij was gedoopt op 28 februari 1648 in Leest Sint-Niklaas als dochter van Nicolaas Loyckx en Anna Persoons.  De ouders waren gehuwd in Leest op 14 augustus 1644.

[11] De Humbeekse Graaf François le Cocq was gehuwd met Magdalena Lauwers , gedoopt omstreeks 1563, een verwante van Peter.

[12] Een verzamelnaam voor alle “kinderen van laurentius” als patroniem bij de nakomelingen van Laurens van Cadsant

[13] Aangeduid als “intramuros” of “extramuros”, binnen of buiten de stadspoorten van Mechelen.

[14] Foto “Hof van den Broecke’ uit private collectie (Public Domain, 1910) – familiewapen de Clerck-de Bouvekercke (Public Domain, 16e eeuw- gestileerde tekening 20e eeuw) – Scan kaart uit private collectie (Public Domain, 1723) – © Bewerking foto schilderij Charles de Clercq uit +/- 1520 (Bron: The Phoebus Foundation, met dank aan hoofdrestaurateur Sven van Dorst). Zie ook Christies London voor een afbeelding van het schilderij na restauratie. – © Foto tegel Hagelstein, B. Boeren, 2019.

[15] Merk dat Stefaan Lauwens  op 7 maart 1666 in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle huwde met Elisabeth Collijn [ZIE MEC XIV – 000505], de dochter van Philip Collijns en Johanna d’Alcantara. Haar vader was eerder gehuwd met Barbara Thérèse van der Laen, kleindochter van Nicolaas van der Laen, heer van Hagelstein (1599-1629). Stefaan Lauwens was een nakomeling van dezelfde voorouderlijke lijn als Peter Lauwens .

[16] Zie bewerking van “Bundergeld in Leest 1674” door Paul Behets in 2010. De families De Laet en De Nyn waren in Leest met elkaar aangetrouwd in 1594.

[17] Prent kasteel “Carmosteyn” in Hombeek (Public Domain, 1670) - foto Sint-Niklaaskerk uit privé collectie laurentii.be.

[18] Verschillende van deze families waren ook aangehuwd via voorouders van Peter Lauwers . Dat weten we onder meer uit de gezinsreconstructies van Mechelen tot 1700.

[19] Dit klooster was tot ontwikkeling gekomen onder de Berthouts vanaf 1263 tot 1566. Het was een geprivilegieerde begraafplaats van de familie Berthout geweest. Het bevond zich op de rechteroever van de Dijle. De priorij gaf haar naam aan de latere woonwijk Blijdenberg in Mechelen en de Bleyenberghoeve in aan de Oude Schrieksebaan 41 in Keerbergen herinnert aan hun bezittingen in die omgeving.