Afbeelding met tekening

Automatisch gegenereerde beschrijving

© Laurentii.be, 2026

 

Genealogie Laurentii

Numquam solus incedes

 

Inhoud (hoofdmenu)

 

·         Blog

·         E-boeken (pdf)

·         Gezinsreconstructies (per gemeente)

·        Genealogie (deze reeks)

·         Indices (zoekfunctie)

·         Startpagina (Home)

·         Thematisch

·         Verhalen (chronologisch)

·         Verwante families

________________________

Verwante stamlijnenontstaan

Voornaamste stamlijnen, datum ontstaan familiewapen is bij benadering

[*] rechtstreekse voorouders auteur

 

 Lauwens / Lauwers Hombeek-Leest (Kleinbrabant)1568

 Lauwens / Lauwers andere van voorouderlijke lijn1568

^

Afbeelding met symbool, embleem, wapen, clipart

Automatisch gegenereerde beschrijving1468 Lauwereyns van Watervliet

Afbeelding met tekst, symbool

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met tekst, logo, symbool, tekenfilm

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met symbool, embleem, wapen, insigne

Automatisch gegenereerde beschrijving1506  1540 Lauwereyns, Lauwerens, Lauwens, Lauwers

1571 Lauwers (graafschap Vlaanderen)

1550 Lauwers (Holland)

1636 Laureinsens

image0561464  Lauwereyns van Terdeghem

^

image006.jpg865-1247  Lauwereyns van Diepenhede (+ heren van Cadzand)

________________________

 

 

HOM XIII – 000305 - GEZIN Lauwers – van der Borght 1620 Hombeek [*]

 

Afbeelding met gebouw, buitenshuis, boom, gebedsplaats

Automatisch gegenereerde beschrijvingHans (Johannes, Jan) Lauwers  huwde op 17 mei 1620 in Hombeek Sint-Maarten met Anna van der Borght => ook Verbuercht, Verburcht, Verborcht, Verburght, Laurens. Hans Lauwers was gedoopt op 20 oktober 1594 in Hombeek Sint-Maarten als zoon van Maarten Lauwers  en Catherine Joostens [ZIE HOM XII – 000200]. Hij overleed op 10 april 1652 in Hombeek op 57-jarige leeftijd. Pastoor Alexander Steemans maakte tussen 1645-1660 de dienst uit in de parochie Sint-Maarten. Hij werd voorafgegaan door E.H. Joos Blieck (1624-1645) en pastoor Willem Van Achelen uit Sint-Niklaas.

 

Foto: Hombeek vereerde Sint-Maarten, terwijl Leest een kerk stichtte ter ere van Sint-Nicolaas. Wie er de parochienamen in omliggende gemeenten op naslaat, komt gauw tot de bevinding dat beide patroonheiligen in de streek met elkaar leken te wedijveren [zie verder].

·         Maria Lauwers  werd gedoopt op 18 maart 1621 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren Evrard van der Borght en tante Maria Lauwers . Zij overleed vermoedelijk ongehuwd op 22 juni 1639 in Hombeek Sint-Maarten op 18-jarige leeftijd.

·         Ida Lauwers  werd gedoopt op 5 mei 1622 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren Peter Verlinden en Ida vander Slaghmolen.  Zij huwde met Jan Ceuleers[1] [ZIE HOM XIV - 000379].

·         Philip Lauwers  werd gedoopt op 24 juli 1624 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Philip Vermeeren en tante Maria Van Rieth. Hij huwde met Johanna Ceuleers, een dochter van Nicolaas Ceuleers, de kerkmeester van Hombeek, en tante Elisabeth De Wit [ZIE HOM XIV - 000380].

·         Gielis Lauwers  werd gedoopt op 20 september 1626 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Gielis Bertels, meier van Ophombeek, en tante Catherine van der Borght [ZIE LON XIV – 000496].

·         Peter Lauwers  werd gedoopt op 31 mei 1628 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Peter Lauwers  en Catherine De Greve[2]. Hij huwde Johanna Persoons [ZIE LEE XIV – 000406]. [*]

·         Petronilla Lauwers  werd gedoopt op 10 juli 1630 in Hombeek Sint-Maarten. Dooppeter was nonkel Philip Lauwers , meter Johanna Muyldermans[3]. Zij huwde Peter Muyldermans.

·         Willem Lauwers  werd gedoopt op 18 november 1631 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren Willem Vekemans en Elisabeth Bertels. Hij huwde Clara Van Beveren [ZIE HOM XIV – 000404].

·         Margaretha Lauwers  werd gedoopt op 17 september 1634 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Hendrik Lauwers  en tante Margaretha Vertommen. Zij huwde Maarten Van den Driessche [ZIE HOM XIV – 000466].   

·         Jan Lauwers  werd gedoopt op 19 juni 1636 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Jan Van Reeth en tante Anna Putters. Het kind kreeg een nooddoop “in necessitate ab obstetrice baptizatus sine patrinis”. Hij huwde op 15 juli 1662 in Zemst Sint-Pieter met Elisabeth Verlinden [ZIE ZEM XIV – 000489]. 

·         Maria Lauwers  werd gedoopt op 21 november 1638 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren Antoon Van Beersel en tante Maria Verlinden. Zij overleed op 22 juni 1639 in Hombeek, 7 maanden oud.

·         Josine Lauwers  werd gedoopt op 6 juni 1640 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Philip Van Espen[4] en tante Josine Tiesta (Tistaert)[5]. Josine Lauwens overleed vermoedelijk als begijn in Brussel op 9 april 1728 op 88-jarige leeftijd.

·         Elisabeth Lauwers  werd gedoopt op 4 mei 1642 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren nonkel Jan Van den Bossche en tante Elisabeth Verschoor. Zij bleef ongehuwd en liet op 22 januari 1680 een testament opmaken. Op 17 oktober 1693 was er sprake van een akkoord tussen haar erfgenamen en de kerkmeesters. 

 

Sint-Nicolaas of Sint-Maarten? [6]

Sint-Nicolaas of Sinterklaas werd gevoerd op 6 december. De feestdag ging gepaard met het geven van geschenken, oorspronkelijk in de kerk (15e eeuw), later thuis. Soortgelijke tradities bestonden in de Germaanse mythologie, waarin Odin op zijn paard Sleipnir langs de hemel reden.

Vanaf de 15e eeuw werd al wel een schoen voor Sint-Nicolaas gezet in Nederland – in 1427 in Utrecht voor het eerst gedocumenteerd. De opbrengst werd verdeeld onder de armen. Al in de middeleeuwen bestond er een traditie van een mirakelspel waarbij de heilige verscheen voor kinderen en de ijverige werden beloon, de luie kinderen vermaand. Vanaf de 14e eeuw werd in Duitse en Noord-Franse kloosterscholen soms een kinderbisschop gekozen die mocht aanblijven tot 28 december, de dag van de Onnozele (onschuldige) Kinderen.

Sint-Nicolaas (270-343) was de (Griekse) bisschop van Myra in het huidige Turkije. Hij werd gezien als de beschermheilige van zeelieden, reizigers, kooplieden, kinderen en de huwbare jeugd.

In Nederlands sprak men van de ‘pakjesavond’ op 5 december van Sint-Nicolaas vanaf 1850. Zwarte Piet als enige knecht en de stoomboot werden pas in 1850 geïntroduceerd door de Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman in zijn boek “Sint-Nicolaas en zijn knecht. In Venray in Nederland werd in 1888 de traditie van de intocht gestart. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen er pieten bij.

Later werd het een bedeltraditie voor kinderen.

Schilderij: de sinterklaasviering door Jan Steen, 1665. Tradities als het zingen van sinterklaasliedjes, de schoorsteen waardoor geschenken komen, snoepgoed, de schoen en de roe waren toen al gekend [afbeelding onder publiek domein].

 

Sint-Maarten of Sinte-Mette werd op 11 november gevierd, en was van oorsprong eerder een voortzetting van het Germaanse Winterfeest. De oogst moest immers op 11 november binnen zijn, en daarna volgde de winter. Van oudsher werden er vreugdevuren ontstoken en offers gebracht.

Oorspronkelijks was de Sint-Maartenviering dan ook het moment waarop de armen gingen bedelen om de winter door te komen. Het ging dan bijvoorbeeld om suikerbieten en brood.

Lampionnen moesten licht in de duisternis brengen van de nakende winter. De viering gebeurde vooral in de Lage Landen (Nederland en België), in Noord-Frankrijk en in delen van Duitsland.

Maarten van Tours werd in 316 geboren als zoon van Romeinse ouders in het Hongaarse Savaria en hij trok op 15-jarige leeftijd naar Gallië. Volgens de legende deelde hij de helft van zijn mantel met een bedelaar in Amiens en bekeerde hij zich tot het christendom, als kluizenaar en duiveluitdrijver, om het tot bisschop van Tours te schoppen. Hij overleed op 8 november, maar zijn feestdag werd gehouden op de dag van zijn begrafenis.

Vanaf de 20e eeuw werd Sint-Maarten een bedeltraditie in speelse vorm voor kinderen, met lampionnen en snoep.

De 11 novemberviering concurreerde na de Groote Oorlog bovendien met het feest van de Wapenstilstand. Concurrentie was er ook met andere tradities zoals het begin van de vastenperiode en het begin van het carnaval seizoen.

 

Schilderij: Antoon Van Dyck vereeuwigde met zijn schilderij “Maarten snijdt zijn mantel doormidden voor een bedelaar” in 1621 de heilige Sint-Maarten [afbeelding onder publiek domein]. Hij was niet de eerste, ook El Greco deed dit al eens omstreeks 1598 in Toledo, Spanje met zijn schilderwerk “San Martín y el mendigo”.

 

 

 

 

 



[1] De familie Ceuleers was in deze periode in de omgeving verwant met onder meer de families Coeckelbergh, De Wit, Van Beneden, Verloock, Vertommen, Bessems, Quackels, Van Steenwinckel, Elias, Sybens/Siebens.

[2] Merk dat  een naamgenote Maria Teestaert de Greve omstreeks 1585 was gehuwd met Willem Lauwers .

[3] Het kind werd niet bij naam vermeld in de geboorte akte die wel de vermelding droeg: “Joanna Moldermans nomine matris sue Petronilla Moldermans”. Mogelijk ging het om de erkenning van een buitenechtelijk kind.

[4] Een zoon van Rombout Van Espen en Johanna van der Borght, die gehuwd waren op 9 november 1614 in Hombeek (Philip Vermeeren was huwelijksgetuige geweest). Philip Van Espen was gedoopt op 18 mei 1619 in Hombeek Sint-Maarten en was net 21 jaar geworden.

[5] Zij was een dochter van Hendrik Tiesta en Catherine De Wolff, pachters op een hoeve in Zemst-Bos, en was op 19 november 1623 in Zemst gehuwd met Adriaan Bulens. Zij hertrouwde er met Peter Van Espen in 1628 en met Jan Spruyt in 1632. Mogelijk huwde zij een vierde maal in 1646 in Hombeek met Hendrik Lemmens. Merk ook dat Maria Tiesta, zus van de vermelde Josine, de schoonmoeder werd van Elisabeth Lauwers  bij haar huwelijk in 1652 [ZIE ZEM XIV – 000398]. Maria Tiesta was op 16 oktober 1621 in Zemst gehuwd met Hendrik Adriaens. De naam “Tistre” zou een Oudfranse afleiding zijn van de beroepsnaam “wever”. De familienaam kwam in deze periode ook voor in Valladolid, Spanje. Ook de naamvarianten Tistaert en Teestaert alias Munters kwamen voor in Hombeek, Zemst, Weerde, Grimbergen, Humbeek, Meise en de Sint-Jacobsparochie in Brussel.

[6] In Nederland werden de heiligenvieringen verboden in protestantse gebieden na de Reformatie, die begon in 1517. De traditie werd sporadisch nog heimelijk gevolgd, en het verbod werd na 1800 opgeheven.