Afbeelding met tekening

Automatisch gegenereerde beschrijving

© Laurentii.be, 2026

 

Genealogie Laurentii

Numquam solus incedes

 

Inhoud (hoofdmenu)

 

·         Blog

·         E-boeken (pdf)

·         Gezinsreconstructies (per gemeente)

·        Genealogie (deze reeks)

·         Indices (zoekfunctie)

·         Startpagina (Home)

·         Thematisch

·         Verhalen (chronologisch)

·         Verwante families

________________________

Verwante stamlijnenontstaan

Voornaamste stamlijnen, datum ontstaan familiewapen is bij benadering

[*] rechtstreekse voorouders auteur

 

 Lauwens / Lauwers Hombeek-Leest (Kleinbrabant)1568

 Lauwens / Lauwers andere van voorouderlijke lijn1568

^

Afbeelding met symbool, embleem, wapen, clipart

Automatisch gegenereerde beschrijving1468 Lauwereyns van Watervliet

Afbeelding met tekst, symbool

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met tekst, logo, symbool, tekenfilm

Automatisch gegenereerde beschrijving 1300 Afbeelding met symbool, embleem, wapen, insigne

Automatisch gegenereerde beschrijving1506  1540 Lauwereyns, Lauwerens, Lauwens, Lauwers

1571 Lauwers (graafschap Vlaanderen)

1550 Lauwers (Holland)

1636 Laureinsens

image0561464  Lauwereyns van Terdeghem

^

image006.jpg865-1247  Lauwereyns van Diepenhede (+ heren van Cadzand)

________________________

 

 

HOM XII – 000186 - GEZIN Vermeeren - Lauwens +/-1588  Hombeek

 

Philip Vermeeren ( Van der Meeren, Vermeren) huwde omstreeks 1588 met Margaretha Lauwens . Margaretha Lauwers was geboren omstreeks 1568 in Hombeek als dochter van Joris Lauwerens  en Christine van Dormael [ZIE MEC XI – 000145]. Philip Vermeeren was poorter van de stad Mechelen. Zo werd hij althans vermeld in de Schepenakten van 12 februari 1596 en 28 februari 1598. Nakomelingen van deze familie waren onder meer Marie-Philippine-Françoise van der Meeren, dame van ter Haegen, die gehuwd was met Peter August du Jardin, een burgemeester van Mechelen (overleden op 24 april 1742) en Thérèse vander Meeren,  dame van ter Elst, gehuwd met de graaf van Cuypers.

 

Afbeelding met kleding, Mantel, tekening, Kostuumdesign

Automatisch gegenereerde beschrijvingPhilip Vermeeren werd vermeld bij de doop van Margriet Vertommen in april 1588 in Mechelen Sint-Rombout en bij haar huwelijk met Adam Van Beveren op 19 augustus 1612 in Hombeek Sint-Maarten. Margriet Vertommen was een dochter van schoonboer Jan Vertommen met Philips zus Elisabeth Vermeeren. Een dochter van Margriet en Adam, Clara Van Beveren, zou op 3 oktober 1655 in Hombeek Sint-Maarten huwen met Willem Lauwens , een zoon van Jan Lauwers  en Anna van der Borght. Verder was hij getuige bij het huwelijk van Catherine van der Borght met Adriaan De Winde op 4 oktober 1612 in Hombeek, en bij het huwelijk van Johanna van der Borght met Rombout Van Espen op 8 november 1614 in Hombeek Sint-Maarten. Philip had overigens een naam- en tijdsgenoot Philip Vermeeren (1571-1638) die kerkmeester was in Malderen (Londerzeel) en die gehuwd was met Barbara De Keersmaeker. Deze Philip was een zoon van Paul Vermeeren en Ursula Putteman uit Steenhuffel (Londerzeel). Deze tak van de familie had sinds 1260 zijn wortels in Opwijk (Nijverseel) bij een voorouder die wapenknecht was voor de heer van Dendermonde in 1297 en deze familietak woonde tussen 1260-1576 in Opwijk.

 

Afbeelding met buitenshuis, tekening, gebouw, schets

Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist.Philip Vermeeren overleed aan een besmettelijke ziekte[1] op 24 oktober 1625 in het klooster van de Zwartzusters in Mechelen [zie prent, afbeelding onder publiek domein] en zijn echtgenote overleed er vier dagen later op 28 oktober 1625 aan dezelfde aandoening.

 

Afbeelding: het klooster van de Zwartzusters in Mechelen in het midden van de 16e eeuw [prent onder publiek domein, 1560]. Hier overleden Philip Vermeeren en zijn echtgenote Margriet Lauwens in oktober 1625.

 

Afbeelding met kaart, tekst, atlas

Automatisch gegenereerde beschrijvingKaart: het gezin Vermeeren-Lauwers woonde centraal tussen Hombeek, Zemst, Humbeek, Nieuwenrode, Kapelle-op-den-Bos, Tisselt en Leest. De meeste kinderen werden in de Sint-Martinuskerk in Hombeek gedoopt tussen 1591 en 1605.

 

·         Maarten Vermeeren werd gedoopt op 1 april 1589 in Mechelen Sint-Rombout. Doopgetuigen waren Maarten Van de Perre, “de pater van Hombeek” en tante Margaretha Van Slaghmuylders. Hij huwde omstreeks 1612 met Anna Verwachter. Een zoon, Adam Vermeeren [generatie XIV], huwde op 12 juli 1640 in Mechelen met Anna Bernaerts.

·         Jan Vermeeren werd gedoopt op 7 december 1591 in Hombeek Sint-Maarten. Doopgetuigen waren Jan van der Borght en tante Elisabeth Vermeeren. Hij overleed ongehuwd in Hombeek op 25 februari 1615, 23 jaar oud.

·         Antoon Vermeeren werd gedoopt op 12 mei 1594 in Hombeek Sint-Maarten. De peter was nonkel Antoon van der Locht[2], de meter was tante Catherine Joostens. Hij huwde op 7 november 1621 in Hombeek Sint-Maarten met Maria van der Locht, een dochter van zijn peter, die op 17 juli 1592 was gedoopt in Hombeek. Antoon Vermeeren hertrouwde omstreeks 1628 in Hombeek met Marie Van Slachmeulen (Van Slagmolen). Bij de doopgetuigen vonden we Muyldermans, Vertommen, Verschueren en Wauters. Hij hertrouwde nogmaals op 27 mei 1636 met Catherine Bosmans (Van den Bosch). Het gezin woonde in Hombeek in de Sint-Maarten parochie, waar onder meer, uit het tweede huwelijk, dochter Maria Vermeeren werd gedoopt op 24 oktober 1628, en dochter Catherine Vermeeren op 20 februari 1633. Bij de doopgetuigen van de kinderen tussen 1622 en 1654, vonden we de familienamen Alewaeters (Haelwaters), Van den Bemde (Van den Bempt), Mutsaerts (Muissart), Van Beneden, Verlinden, Van den Bosch (Bosmans), Boots.

·         Maria Elisabeth Vermeeren werd gedoopt op 2 februari 1597 in Hombeek Sint-Maarten. Peter was Maarten Geens, meter was tante Maria Vermeeren[3]. Zij huwde er op 10 juni 1618 met Jan Muyldermans (Moldermans), een zoon van Laurent Muyldermans en Marie Cruymans. Haar echtgenoot overleed op 6 september 1635 in Hombeek, 42 jaar oud. De meeste kinderen overleden op jonge leeftijd. Dochter Catherine Muyldermans overleefde en huwde op 18 november 1652 in Zemst met Hendrik Boets (Boodts, Boots). Dit gezin woonde in Hombeek. Bij de doopgetuigen van hun kinderen vonden we nonkels en tantes Willem Muyldermans, Anna Verwachter, Jacques Vermeeren, Margriet Van Slachmolen,  Nicolaas Vermeeren, Cornelia Vinckx (Vinck), Laurent Muyldermans, Margriet Vertommen, Adam Van Beveren, Catherine Verschueren, Willem Vekemans, Marie Muyldermans, Jan Stevens, Elisabeth Van Beveren.

·         Jacques Vermeeren werd gedoopt op 19 oktober 1599 in Hombeek Sint-Maarten. Peter was Jacques Persoons, meter was tante Antonia Van Slachmeulen. Jacques Vermeeren huwde in Leest Sint-Niklaas op 17 februari 1626 met Catherine Verschueren. De ondertrouw vond plaats in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw op 7 februari 1626, met 3 roepen in Hombeek Sint-Maarten. Bij de doopgetuigen van de kinderen tussen 1628 en 1638 vonden we nonkels en tantes Jan Muyldermans, Magda Verschueren, Willem Vekemans, Anna Verschueren, Marie Vermeeren, Catherine Van den Bosch, Adriaan Aerts, Peter De Laet.

·         Philip Vermeeren (junior) werd gedoopt op 1 september 1602 in Hombeek Sint-Maarten. Peter was nonkel Maarten Lauwers , meter was Marie Van de Gast[4]. Hij huwde op 1 december 1638 in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle met Margriet Ghast[5] (Van de Gast). Getuigen bij het huwelijk waren Clement De Laet en Peter Jouret.

·         Nicolaas Vermeeren werd gedoopt op 3 april 1605 in Hombeek Sint-Maarten. Peter was Nicolaas Ceuleers (Colaerts), meter was Barbara van den Wijngaert. Hij werd vermeld als getuige bij het huwelijk van zijn neef Adam Vermeeren op 12 juli 1640 in Mechelen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle met Anna Bernaerts.

 

1595 – Elf mensen kwamen om bij een brand in Leest

 

Tussen 1592 en 1598 maakte pastoor Jan Haes (Hals) de dienst uit in Hombeek en Leest. Hij was een norbertijn uit de abdij van Grimbergen en was pastoor van Ruisbroek toen hij vanaf 1592 de zieke pastoor E.H. Maarten Goossens kwam bijstaan[6]. In 1596 legde hij blijkbaar een bevel om terug te keren naar Ruisbroek naast zich neer, en zijn aanwezigheid werd nog vermeld in de parochie Sint-Niklaas in Leest in 1599 in de periode dat het hoogkoor van de kerk werd hersteld. Vanaf 1595 werden de parochieregisters in Leest Sint-Niklaas ingevuld[7], al was het een beroerde periode door brandstichting en plundering. Huwelijken vonden eerder plaats in de Mechelse parochie Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle dan in Hombeek, en soms week men uit naar Kapelle-op-den-Bos. In Leest werden tussen 1592 en 1599 slechts elf huwelijken ingezegend.

 

De kerk van Leest Sint-Niklaas had het erg te verduren. Er was een zware brand geweest in 1571, kerkschatten waren gestolen, de klokken waren geroofd door Staatse garnizoenssoldaten onder het bevel van d’Outremelle in 1591. De parochianen waren grotendeels gevlucht of uitgeweken.

 

Op 6 april 1595 vond een nieuwe dramatische gebeurtenis plaats. Elf mensen kwamen om bij een brand op een hoger gelegen verschansing op het kerkhof. Dat waren Peter Vertonghen (Vertommen) en zijn vrouw Margaretha Winghe (Van Winghe) met een kind, het dochtertje van Peter Verschueren[8], Jan van den Broeck alias Neefs, Paschasia Vleminckx, Clara Swyninca (gehuwd met Jan Verlinden) met haar kind, Jan Costermans met een kind en een kind van de verder vermelde Stefaan Persoons[9]. Volgens aantekeningen van Peter De Mol, de aartspriester van het district Mechelen, was de brand ontstaan door de onachtzaamheid van inwoners die er zich schuilhielden tegen de aanvallen van krijgslieden van de Hollandse Staten.

 

In 1598 was pastoor Haes (Hals) opgevolgd door E.H. Willem van Achelen, die tot oktober 1623 aan bleef als pastoor van de Leestse Sint-Niklaasparochie. In 1598 kreeg de Sint-Niklaaskerk een torenspits, en ruim 8000 schaliën werden aangevoerd om het dak van het koor te vernieuwen. Pastoor van Achelen zou in 1599 zowel het herstelde hoogkoor als de begraafplaats in Leest inwijden. Hij zou gedurende 20 jaar afwisselend de mis opdragen in de parochies Leest en Hombeek, de ene week in Sint-Niklaas, de volgende week in Sint-Maarten. De Leestse kerk zou de daarop volgende jaren nog schade worden toegebracht door soldaten, in 1601, 1604, 1626, 1639, 1644, 1646, 1657, 1678 en in 1683.

 

1595 - Wolven in de Lage Landen

Op 3 juni 1595 werd vermeld dat een Leestenaar vijf jonge wolven had gevangen. Er waren nog wolven in deze periode. De man werd daarvoor beloond “ voor het groot devoir[10] daer inne bij hem gedaen”. Voor het herinrichten van onderwijs voor de kinderen werd vanaf 1596 beroep gedaan op de kosters van de parochies omdat er geen geschikte leerkrachten werden gevonden. Dat was niet anders in Leest en in Hombeek, waar de Heilige Geesttafels de nodige middelen opzij begonnen te zetten om een school te kunnen inrichten. Adam Persoons de oude was in 1596 meier van Heffen en Leest.

 

Wolven waren niet ongewoon in het hertogdom Brabant in de 16e eeuw. Naarmate door de groeiende bevolking bossen plaats ruimden voor akkerteelt en veehouderij, en de  bebouwing toenam, begon men jacht te maken op deze dieren. De diersoort mocht ongestraft worden gedood en men moedigde de verdelging zelfs aan, zoals blijkt uit de getuigenis van 1595. Er waren steeds minder prooidieren, en de aanvallen van wolven op vee en huisdieren namen toe. Omstreeks 1800 moet er nog een aanzienlijke populatie zijn geweest, maar enkele decennia later was de wolf zo goed als uitgestorven. De wolvenpopulatie verdween.

Afbeelding: AI gegenereerde foto, Canva, 2025, onder gebruiksvoorwaarden

In 2011 werden opnieuw wolven gesignaleerd in Gedinne (Namen) en in 2018 sprak men van de terugkeer van de soort in Vlaanderen[11]. Het streven naar biodiversiteit had er in 1982 al toe geleid dat de wolf in België werd beschermd en grote open ruimtegebieden moesten daarvoor de leefruimte creëren.

 

1567 - Hendrik Persoons, koster in de Mechelse kerkprovincie

De familie Persoons woonde in de streek, en in de 16e eeuw sprong de kleurrijke Hendrik Persoons in het oog. Deze was gehuwd, en koster en schoolmeester in Berg tussen 1567 en 1596. Hendrik was geboren omstreeks 1545 in Rijmenam als zoon van Antoon Persoons en Jeanne Van Lanckberg[12] en was in 1580 in Berg gehuwd met Catherine Vleminckx. Hij was een broer van Adam Persoons (1556-1612), de drossaard van Keerbergen die, hertrouwd met Barbara Smets op 29 oktober 1577 in Mechelen Sint-Rombout, na het overlijden van zijn eerste echtgenote Barbara Vlessentops,  in 1610 meier werd van Heffen en Hombeek.

Afbeelding: de huidige parochiekerk van Sint-Antonius Abt te Boortmeerbeek, van 1924.  De eerste Sint-Antoniuskerk die Hendrik Persoons kende, brandde in 1673 af. De tweede werd in 1914 door Pruisische lansiers in brand gestoken.

Allicht was Hendrik er in de voetsporen getreden van zijn grootvader koster Peter Persoons vermeld in 1565. Hendrik Persoons kreeg een gunstige beoordeling als koster, en werd vermeld als goede zanger. Als schoolmeester was hij niet onbesproken. Hij nam er ontslag als schoolmeester "omdat de ouders hem niet mochten". Vanaf 29 augustus 1596 vonden we hem terug als koster in Boortmeerbeek. In deze parochie was hij niet onbesproken als koster: het kon heel wat beter, en hij had een drankprobleem.

Kort na 1600 woonde hij met zijn vrouw Catherine tegen de zin van de deken in een bijgebouw van de kerk. Op 30 april 1607 werd vermeld dat zijn echtgenote “midts over eenige jaeren is geworden crack van sinnen” – geestesziek was geworden - en zij moet hetzelfde jaar overleden zijn. Hendrik dronk, en in 1615 werd vermeld dat er niet veel hoop op beterschap was. Er waren ook problemen met de pastoor. Hendrik Persoons werd nog vermeld tussen 1601 en 1604 als koster in Wespelaar en tussen 1595 en 1618 als koster en schoolmeester in Kampenhout, waar hij tot omstreeks 1605 onderricht gaf in de kerk. In deze laatste parochie kreeg hij een gunstige beoordeling, maar zijn drankprobleem bleef er ook niet onvermeld. Hij overleed in 1618 in Boortmeerbeek.

Merk ook dat de familie Persoons al in de 16e eeuw in Leest woonachtig was. Ene Adam Persoons, zoon van Peter Persoons en Elizabeth Wildelants, uit Mechelen, bezat een huis en land in de parochie Leest. Hij erfde het eigendom volgens een akte van 23 mei 1587 van zijn moeder. Deze Adam Persoons werd in 1599 te Leest vermeld als meier, na herstellingswerken aan de Sint-Niklaaskerk.

In die tijd waren er wel meer kosters met een besproken levenswandel. Zo was er een tijdgenoot Peter Van Ham, koster te Elewijt tussen 1595 en 1626, die in 1599 de herberg 'Het Steen' opende en die er niet beter op vond dan het bier in de kerk te bewaren opdat de soldaten het niet zouden stelen. Zijn vrouw verborg haar kruiken met melk in de sacristie. Eén en ander leidde er tot onenigheid met de pastoor.

 

 

 

 

 



[1] Beschreven als "de contagieuse sieckte"

[2] Hij was omstreeks 1592 gehuwd met Antonia van der Slaghmolen. Hij overleed op 2 mei 1597 in Hombeek. De familie van de(r) Locht stamde uit Gemert, Noord-Brabant, NL. In de 14e eeuw werden zij vermeld als schildknapen/ministerialen. De familie had behalve in Noord-Brabant takken in onder meer de omgeving van Zoersel, Westmalle en Hasselt en de familie telde meerdere zilversmeden.

[3] Zij was gehuwd met Rombout Lauwers image086 uit een voorouderlijke lijn (broer van Joris), woonachtig in Mechelen Sint-Rombout. Haar man was eerder gehuwd met Margaretha Somers alias Hillens (van Hille) op 13 oktober 1591 in Mechelen Sint-Pieter en Paul [ZIE MEC XII - 000196] en hertrouwde na haar overlijden met Clara Van den Eijnde. op 18 januari 1603 in Mechelen Sint-Jan [ZIE MEC XII - 000238].

[4] Zij was op 28 januari 1596 in Mechelen Sint-Rombout gehuwd met Peter Bernaerts.

[5] Bij het huwelijk van een naamgenote Margriet Gast op 1 december 1618 in Mechelen Sint-Katelijne, met Rombout Van Gijsel, werd alias Coeckelbergh vermeld, omdat deze Margriet eerder met Peter Coeckelbergh was gehuwd omstreeks 1589.

[6] Hij overleed  op 9 januari 1597 in Mechelen, waar hij de 15e werd begraven in Sint-Rombout.

[7] Een verplichting opgelegd na het Concilie van Trente in 1563 die slechts geleidelijk gevolg kreeg in de beginjaren.

[8] Peter Verschueren zou op 21 juni 1596 een hoeve beginnen huren van Adolf van de Venne uit de Koestraat, om opnieuw een bestaan op te bouwen.

[9] Bron: “Kronieken van Leest” van Marcel Van Hoof.

[10] Een grote verdienste.

[11] Afgezien van de melding van een wolfachtige in het Waasland en in Zeeuws-Vlaanderen in 2000, die er schapen en pluimvee hadden gedood. De zogenaamde “Waaslandwolf” zou eerder een wolf-hond hybride zijn geweest.

[12] Pieter Persoons werd vermeld voogd van de wezen van zijn zoon Antoon Persoons en Jeanne Van Lanckberch voor de weesmeesters kamer in Antwerpen, en in Mechelen werd hij vermeld op 28 mei 1556 samen met Adriaan Wilderlants (Wildemans), goudsmid in Mechelen en moederlijke oom van Antoon Persoons, met land in Battel (Battelareveld) en in Leest (Kouter). De laatste gronden zouden via Joris Lauwerens nakomeling Peter Lauwens  in zijn huwelijk met Jeanne Persoons goed honderd jaar later worden vererfd.