|
1580-1800 - Lauwers in Brugge (huizenonderzoek Brugge)
Het
huizenonderzoek te Brugge vermeldt
verschillende Lauwers families, woonachtig te Brugge tussen 1580 en het
einde van de 18e eeuw. In de poorterboeken kwamen volgende meldingen
voor:
- Lauwers Jan
, "in Groenynghe", op 29 maart 1550
- Lauwers
Corneel , "up de Nazarettenplatse, stoeldrayer",
op 15 augustus 1589 [zie ook
melding in het huizenonderzoek in 1587-1589]
- Lauwers Jan
, "up de Speghelreye"
op 1 maart 1591, 24 november 1592 en 28 juli 1593 [zie ook meldingen in het
huizenonderzoek in 1597-1617]
- Lauwers
Godelieve , "up de vrydachmarct",
weduwe van Errebout Rycquaert, op 20 maart 1615
- Lauwers
Jacques de jonge, op 24 januari 1643
- Lauwers
Jacques de oude, op 24 januari 1643, "ter oostzyde van
de Oostmeersch"
- Lauwers Jan , op 1 februari 1653
Er was ook al
een melding als Brugs poorter van Maykin Lauwers (Maaike), dochter van Joris Lauwers
, op 14 mei 1460, in een
poortersboek van 1454-1478 te Gistel.
|
kadaster (oud)
|
jaar / inwoner
|
omschrijving
|
|
Sint-Jans
JAN/0224
|
1744,
24 november / Carel Albert en Jaak Lauwers
|
verkoop - Dominiek Maertens junior en echtgenote, Jaak
Lauwers en echtgenote, Frans Van Parijs en echtgenote en Carel Albert
Lauwers en echtgenote verkochten een huis aan meester Mathias Frans van
Hamme. Het huis heette 'De Drie Conijnghe' en bevond zich in de 'Lange Twynstraete', huidig
adres Sint-Walburgastraat 16.
Het huis JAN/0223 was sinds 1644 in dezelfde eigendom, en in 1659
samengevoegd. Het voormalige JAN/0223 was toen brouwerij, keuken en
stalling.
|
|
JAN/0546
|
1589,
29 juli / Corneel Lauwers
|
verkoop - Corneel Lauwers en de erfgenamen van
zijn overleden huisvrouw verkochten een huis met een plaats van lande
aan Reinier Putfeijts met
diverse vrijheden en servituten. Daarbij 34 schellingen, 6 grossen,
12 myt jaarlijks
grondrenten, cijnsrenten, leningen en andere. Corneel Lauwers werd al
vermeld als eigenaar van dit huis op 1 januari 1580. Reinier Putfeyts zou op dit
huis een rente bezetten van 60-13-04 jaarlijks ten voordele van Corneel
Lauwers. Het huis bevond zich in de 'Stuyfzantstrate gaende noordwaerts', huidig adres Jeruzalemstraat
33.
|
|
JAN/0998
|
1613, 6 februari / Sebastiaan Lauwers
|
arrest - Joos
de Jonghe liet
overeenkomstig een acte van de de vierschaar
van 13 juli 1607, arrest leggen op dit huis, eigendom van Sebastiaan
Lauwers , als verhaal voor
landpacht. Het huis heette 'De Sterre' en bevond zich in de 'Langhestrate', huidig
adres Langestraat 99.
|
|
|
1615, 8
januari / Sebastiaan Lauwers
|
verkoop - Sebastiaan Lauwers , erfgenaam van Janneken Pieters,
weduwe van Roelandt Coevelt, verkocht het
huis aan Pieter Dhont,
met lasten. Het lijkt er op dat het hier families betreft die
opduiken in de genealogie aan de Oostvlaamse en de Klein-Brabantse
oevers van de Schelde, bv. Ceurvelt.
|
|
Sint-Donaats
DON/1258
|
1678, 18 oktober / Jan Lauwers
|
verkoop - Bernard
van Troostenberghe en
echtgenote verkochten dit huis aan Jan Lauwers. Jan Lauwers
huwde Cornelia van Troostenberghe,
die verder werd vermeld als zijn weduwe. Het huis bevond zich
in de 'Nazarette Plaetse' of de 'Vlaschmart', huidig adres Garenmarkt 29.
|
|
|
1694, 16
december / Jan Lauwers
|
verkoop - Carel de Tijllij en
zijn echtgenote Cornelia van Troostenberghe, die voordien weduwe was van
Jan Lauwers, samen met Pieter van Hoorenbeke en
echtgenote (Barbara Lauwers, dochter van Jan Lauwers), van Hoorenbeke en Jan Stassison als voogden van de drie
kinderen van Jan Lauwers, en Matheus de Ram, verder vermeld als
voogd van 2 andere kinderen van Jan Lauwers bij Marie Nn., verkochten
het huis. Op dezelfde dag werd ook het huis DON/1394 verkocht,
en enkele dagen eerder het huis OLV/0021.
|
|
DON/1297
|
1608, 28 april / Jan Lauwers
|
verkoop - Jan
van Huele en
echtgenote verkochten dit huis aan Jan
Lauwers . Vermoedelijk
gaat het hier om de hoger vermelde ridder Johan Lauwers. Het
huis heette 'Den Bril' en bevond zich in het 'Cleen Eeckhoutstratkin', huidig adres
Geerolfstraat 12.
|
|
|
1612, 11 mei
/ Jan Lauwers
|
verkoop - Jan Lauwers en echtgenote verkochten het huis aan
Bernard de Wulf.
|
|
|
1612, 11 mei / Jan Lauwers
|
lopende schuld -
Bernard de Wulf en echtgenote verbonden het huis in een lopende schuld
van 1200 gulden aan Jan Lauwers
.
|
|
DON/1394
|
1605, 27
juni / Adam Lauwers
|
verkoop - Gerard De Clercq
en echtgenote verkochten het huis aan Adam Lauwers met renten en 0-20-0 pen 16 ten
voordele van Jan Boureije.
Het huis bevond zich aan de 'Vlasmarct',
huidig adres Garenmarkt 21.
|
|
|
1657, 27 juni / Adam en Joos Lauwers
|
verkoop - Tanneken Vinsoe, de weduwe van
Adam Lauwers, verkocht het huis aan Joos Lauwers op voorwaarde dat zij
levenslang in het huis mag blijven wonen.
|
|
|
1694, 16
december / Barbara en Jan Lauwers
|
verkoop - Pieter van Hoorenbeke en
zijn echgenote Barbara
Lauwers, van Hoorenbeke en
Jan Stasinson als
voogden van de drie kinderen van Jan Lauwers bij Cornelia (van) Troostenberghe, van Hoorenbeke en Mattheus de Ram als voogden van
de twee kinderen van Jan bij Marie Nn., verkochten het huis. Op
dezelfde dag werd ook het huis DON/1258 verkocht, en enkele dagen
eerder het huis OLV/0021..
|
|
Onze-Lieve-Vrouw
OLV/1638
|
1597, 2 december / Jan Lauwers
|
verkoop - De weduwe
en de erfgenamen van Nicolaes Colve verkochten aan
Jan Lauwers een huis met verschillende erfdienstbaarheden. Het
gaat hier om de hoger vermelde ridder Johan Lauwers , vader van Marie
Lauwers die huwde met don Juan
de Peralta. Het
huis heette 'Peckepuut'
of 'Ovaere' en
bevond zich in de 'Wullestrate',
huidig adres Wollestraat 16.
Bij dit huis was al vanaf 1580 het huis 'Sint Andries Cruijce' OLV/1639
toegevoegd en ook een uitweg aan Kartuizerinnenstraat met een huis.
|
|
|
1605, 20 mei
/ Jan Lauwers
|
borg - Jan Lauwers en echtgenote verbonden
het huis voor de administratie van de ontvangsten van de 'impost' van
het Brugse Vrije.
|
|
|
1613, 26 juni / Jan en Marie Lauwers
|
rente - Jan
Lauwers bezette een rente ten voordele van Marie Lauwers , weduwe van Jan de
Peralta, om een deel van zijn achterstel tegenover de Brugse Vrije te
kunnen betalen.
|
|
|
1617, 4
december / Jan Lauwers
|
stopzetten borg/verband - Jan Lauwers werd door het
schepencollege van het Brugse Vrije ontslagen van zijn verband op zijn
huis.
|
|
+ OLV/1639
OLV/1651
|
1617, 19 december / Jan Lauwers
|
verkoop - Jan
Lauwers en echtgenote verkochten dit huis, samen met het huis OLV/1639,
het erf van het huis OLV/1651 en een gemeenschappelijke gang,
poort en kamer, aan Fernand Croquet. Fernand Croquet verbond dit huis
in een lopende schuld van 512 ponden gr. ten voordele van Jan Lauwers.
Tevens bezetten Fernand Croquet en echtgenote een rente ten voordele
van de drie weeskinderen van Jan Lauwers (waaronder Marie
Lauwers ).
|
|
OLV/0021
|
1694,
10 december / Jan Lauwers
|
verkoop - Carle Tilly en echtgenote, voordien weduwe van
Jan Lauwers, Pieter van Hoorebeke en
echtgenote, verder Jan Staffin,
voogden van 3 kinderen van Jan Lauwers en Cornelia Van Troostenberghe, verder
Pieter Van Hoorenbeke en Mattheus
De Ram, verkochten dit huis. Enkele dagen later zouden ook de
huizen DON/1394 en DON/1258 worden verkocht. Het huis bevond
zich in de 'Sint Niclaes'
of het 'Mostaertstratken',
huidig adres Sint-Niklaasstraat 9.
|
|
OLV/0078
|
1607, 12 december / Jan
Lauwers
|
verband
tot borgstelling - Charles vanden Berghe en echtgenote verbonden
de helft van dit huis, alsook de helft van het huis OLV/0769 en een
huis OLV/0385, OLV/0894, OLV/0890 en OLV/0891 tot borgstelling van Jan
Lauwers ,
commissaris van het Brugse Vrije, voor de te betalen pacht. Vermoedelijk gaat het
hier om de hoger vermelde ridder Johan Lauwers. Het huis heette
'Den Hoorne' en bevond zich
'tegenover twestvleeschuys',
huidig adres Loppemstraat 15.
|
|
OLV/O142
|
1587,
8 juli / Corneel Lauwers
|
lopende schuld - Silvester
van Nieumunstre verbond
dit huis en 1/3e van JAN/1033 en JAN/1034 in een lopende schuld van
124-13-0 ten voordele van Corneel Lauwers . Het huis was belast met 0-10-0
landcijns en een losrente van 2-0-0 ten voordele van Gillis Spillebeen.
Het huis heette 'De Duve'
(vanaf 1701 'de Duijve')
en bevond zich in de 'Zuydzandstrate',
huidig adres Zuidzandstraat 19.
|
|
OLV/0201
|
1697, 16 augustus / Jaak Lauwers
|
verkoop -
Louis Van Nevele en Jaak Lauwers
traden op als voogden van Marie
Joanne, Joanne Marie en Katrien Rosa, dochters van Jaak Olleviers en
Katelijne Stierman, alsook Katrien Stierman, weduwe van
voornoemde Olleviers,
en Rosa Katrien, dochter van Jaak Olleviers, verkochten dit
huis. Het huis bevond zich op het 'Hoochste van Brugghe', huidig adres 't Zand 20.
|
|
OLV/0217
|
1639,
20 oktober / Corneel Lauwers
|
verkoop - Corneel Lauwers
en echtgenote Katrien Valcke, Charles
de S... en echtgenote Barbara Valcke, verder Janneken Valcke, erfgename van Passchier Valcke en
echtgenote, verkochten dit huis aan Pieter Coppens. Het huis bevond
zich in de 'Goesepitstraete',
huidig adres Goezeputstraat 28.
|
|
OLV/0269
|
1584, 20 april / Claerkin Lauwers
|
verkoop -
De weduwe en erfgenamen van Willem de Mueninc verkochten aan Jacob Cordier.
Lasten: 0-12-6 parisis landcijns,
0-10-0 pen 18, 0-0-6 lijfrente per week ten voordele van Claerkin Lauwers.
Het ambacht van de grauwwerkers mocht op de Heilige Bloeddag
zijn kaarsen tegen de gevel plaatsen. Het huis bevond zich in de 'Bouveriestrate', huidig
adres Boeveriestraat 3.
Het was een huis met erf, dat in 1586 samen met OLV/0270 tot 3 woonsten
werd.
|
|
OLV/0358
|
1581, 18 april / Jaak en Jan Lauwers
|
verkoop - Huibrecht Govaert,
gehuwd met de weduwe van Jan Lauwers , verkocht 1/2e aan Willem De
Vos. Dit huis was samen met OLV/0357 belast met landcijns en 0-10-0
grondrente, waarvan dit huis 0-5-0 moest betalen. De renten kwamen toe
aan diverse kerken en kloosters. Het huis OLV/0358 werd op 1 januari
1580 vermeld als eigendom van Jaak Lauwers. De klerk van dienst was
Bart van Praet. Het huis bevond zich in de 'Westmeersch', huidig adres Westmeers 74.
|
|
OLV/0441
|
1593, 15 mei / Sebastiaan Lauwers
|
transport -
Huibrecht van Riebeke en
echtgenote transporteerden aan Sebastiaan Lauwers zulk recht als zij aan het huis
verkregen, uit krachte van
verkoop bij decreet daterende van 19 mei 1593. Het huis bevond zich in
de 'Oostmeersch', huidig adres Oostmeers 88.
|
|
|
1606,
27 mei / Sebastiaan Lauwers
|
rente - Sebastiaan Lauwers en echtgenote bezetten op dit huis en op vijf huizen met een
plaats van land (CAR/0791, CAR.0792, CAR/0793, CAR/0794 en CAR/0795),
voorts op de helft van een huis staande op de Potterierei (CAR/0780), een rente van
08-00-00.
|
|
OLV/0442
|
1790, 14 september / Jozef Lauwers
|
verkoop -
Joos Verhaeghe en huisvrouw verkochten dit huis aan Jozef Lauwers. Het
huis bevond zich in de 'Oostmeersch gaende zuydwaerts', huidig adres
Oostmeers 90.
|
|
|
1793,
12 november / Jozef Lauwers
|
verkoop - Jozef Lauwers,
echtgenoot van Anna Pieternelle De
Mets, voorheen weduwe van Philippe De Grijze, verkocht dit huis aan
Pieter Van Mullem.
|
|
OLV/0465
|
1725,
12 november / August Lauwers
|
rente - Pieter Bruneel en
echtgenote Pieternelle Joos
bezetten op dit huis en op OLV/0466, OLV/0467 en OLV/0468 een rente van
15-4-0 pen 20 ten voordele van Joanne Rowaens ter acceptatie van haar voogden
August Lauwers en Jan Joos. August Lauwers en Jan Joos als voogden,
verder Frans Van Wallegehem en
August Lauwers als voogden van Joanne Tavernier, verkochten 2/6e van dit huis of
'stenen camer'
en OLV/0466, OLV/0467 en OLV/0468 aan Pieter Bruneel. Het huis bevond zich in de 'Westmersch', huidig
adres Westmeers 135.
|
|
OLV/0502
|
1770, 19 april / Dominiek Jaak Lauwers
|
verkoop -
Dominiek Jaak Lauwers, gemachtigd over Anna Marie Klinckaert, verkocht 1/2e
van dit huis en van OLV.0503, OLV/0504, OLV/0523, OLV/0524 en OLV/0169
aan Marie Westerlynck,
weduwe van Jacob de Smidt en voordien van Pieter Klinckaert. Het huis
bevond zich in het 'Spyckelboortstratkin',
huidig adres Koolbrandersstraat 14.
|
|
OLV/0558
|
1615,
20 oktober / Jaak Lauwers
|
verkoop - Philips de Carne
en echtgenote verkochten ten voordele van Jaak Lauwers . Het huis bevond zich in de 'Nieumeersch' of 'Zunneken Meersch', huidig adres Zonnekemeers. Al in 1600
werden de huizen OLV/0559 en OLV/0560 erbij gevoegd; vanaf 1685 werd
het vermeld als het 'westersche'
en het oosterse huis.
|
|
|
1623, 18 september / Jaak Lauwers
|
rente -
Jaak Lauwers en echtgenote bezetten een rente van
0-10-0 pen 16 ten voordele van Pieter Carlier.
|
|
OLV/0574
|
1694,
15 september / Godelieve Lauwers
|
verkoop - Godelieve
Lauwers , weduwe van Jaak Caene,
Daniel Caene, Petronelle Caene
(de Carne), Jan Huijs en echtgenote Joanne Caene, verkochten het
oostelijk huis aan Pieter Willaert. Het huis bevond zich in de 'Nieumeersch' of 'Zunneken Meersch', huidig adres Zonnekemeers. In 1637 was het erf afzonderlijk verkocht als boomgaard.
|
|
OLV/0711
|
1754, 2 september / Jan
Lauwers
|
inbeslagneming -
J. Vander Straete, deurwaarder voor hare majesteits domeinen, liet het huis van
N. Sensen in
beslag nemen wegens 7-10-0 die Sensen schuldig was aan Jozef Hergodts, raadsman en
ontvanger generaal van domeinen. Sensen had borg gestaan voor Jan
Lauwers. Het huis heette 'Den Cleenen Sint-Antheunis' en bevond zich in de 'Walplatse', huidig adres
Stoofstraat 2.
|
|
OLV/0769
|
1607,
12 december / Jan Lauwers
|
borgstelling - Charel van
den Berghe en echtgenote Barbele (Barbara)
de Bisschop verbonden de helft van dit huis, de helf van Den Hoorne (huis OLV/0078), OLV/0885, OLV/0894,
OLV/0890 en OLV/0891 tot borgstelling van Jan Lauwers , commissaris van het Land van
het Vrije. Het huis bevond zich in de 'Curtrycwech' (Kortrijkweg), huidig adres
Katelijnestraat 62.
|
|
OLV/0857
|
1618, 16 juni / Marie
Lauwers
|
verkoop -
Marijn de Cuypere,
weduwnaar, in schade en baten eigenaar van het sterfhuis van zijn
overleden echtgenote, verkocht dit huis aan Marie Lauwers . Marie Lauwers was
gehuwd met Ghilain (Geleyn) Imbueze of Imbise. Het huis heette
'Het appelboomken'
en bevond zich in de 'Fonteynestratkin',
huidig adres Arsenaalstraat 6.
|
|
|
1619,
4 juni / Marie Lauwers
|
rente - Pieter Symoens, gemachtigde over Geleyn Imbueze en Marie Lauwers zijn echtgenote, bezette op dit huis
een rente van 00-30-00 groten de pen 16, ten voordele van Lieven De
Corte.
|
|
|
1623, 10 oktober / Marie
Lauwers
|
verkoop - Ghilain Imbise en zijn
echtgenote Marie Lauwers ,
verkochten dit huis aan Jaak la Marie (...).
|
|
OLV/1109
|
1623,
2 december / Jaak Lauwers
|
lopende schuld - Adriaen,
zoon van Adriaen de Bouvere,
en zijn vrouw verbonden de helft van dit huis alsmede het huis OLV/1303
en OLV/1305 als waarborg voor een ontleende som van 700 gulden,
ontleend aan Jaak Lauwers en zijn vrouw. Het huis bevond zich in
de 'Roostratkin',
of 'Driecroezenstratkin'
of ook 'Vlaminckstratkin',
huidig adres Nieuwe Gentweg 24.
|
|
OLV/1411
|
1653, 20 januari / Pieter
Lauwers
|
arrest -
Bernard vande Berghe de oude liet
arrest doen op het deel van het huis van Amplenius Gorre of zijn erfgenamen, dat hen
toekwam na het overlijden van de weduwe van Pieter Lauwers ,
wegens een schuld van 6-15-2. Het huis bevond zich in de Eeckhoutstrate, huidig
adres Eekhoutstraat 40. Het werd vanaf 1679 vermeld als bakkerij.
|
|
OLV/1627
|
1608,
29 maart / Jan Lauwers
|
inbeslagname - François le Gillon,
gemachtigde over Jan Lauwers als commissaris van de impositien van de
lande van den Vrije, liet beslag leggen op dit huis, wegens verhaal
over een som van 400 gulden belasting. Het huis beette 'Het houten
Zweert' en bevond zich in de 'sHeer Gillisdopstrate', huidig
adres Kartuizerinnenstraat 5.
|
|
OLV/1630
|
1607, 15 maart / Clement
Lauwers
|
verkoop -
De ontvanger van de Jacobinessen (kloosterorde) verkocht dit huis aan Clement
Lauwers met 0-9-0 parisis landcijns en 0-15-0 eeuwige
rente die al jaren niet meer betaald of geëist was. Clement Lauwers en
echtgenote verbonden het huis in een lopende schuld van 60-0-0 ten
voordele van het klooster van de Jacobinessen. Het huis bevond zich in
de 'sHeer Gillisdopstrate', huidig
adres Kartuizerinnenstraat 7.
|
|
|
1610,
3 april / Clement Lauwers
|
rente - Clement Lauwers
en echtgenote Liesbet Bouckman zetten
een rente van 0-10-0 pen 16 ten voordele van Andries van Wijmeersch.
|
|
|
1611, 30 januari / Clement
Lauwers
|
rente -
Clement Lauwers en echtgenote zetten een rente van
0-20-0 pen 16 ten voordele van de weduwe van Jan de Tolenare.
|
|
|
1615,
30 januari / Clement Lauwers
|
rente - Clement Lauwers
en echtgenote zetten een rente van
0-20-0 pen 16 ten voordele van Jaak Van Wambeke.
|
|
|
1631, 15 mei / Clement
Lauwers
|
verkoop -
Liesbet Bouckman, weduwe van Clement Lauwers ,
en Lauwers erfgenamen (met toestemming betreffende de wezen),
verkochten het huis aan Alonce Verschrieck.
|
|
OLV/1631
|
1631,
22 mei / Tanneken Lauwers
|
verkoop - Ghilain Scheppers en
echtgenote Laureynse Cools, Donaas Cools
als voorgd van
Anton Cools, verkochten het huis aan Tanneken Lauwers , weduwe van Gillis Buys. Het
huis bevond zich in de 'sHeer Gillisdopstrate', huidig
adres Kartuizerinnenstraat 7.
|
|
OLV/1639
|
1607, 1 oktober / Jan
Lauwers
|
verkoop -
Lenard Colve als
machtige over Jaak van Vleuten, gehuwd met Johanna Colve, verkocht dit huis
aan Jan Lauwers .
Het huis heette 'Sint Andries (Cruijce)'
en bevond zich in de Wullestrate,
huidig adres Wollestraat 16.
|
|
|
1616,
23 maart / Jan Lauwers
|
schuld - Het huis werd
belast met 00-20-00 groten de pen 16 ten voordele van Jan Lauwers
, zoals ook OLV/1640
|
|
OLV/1640
|
1616, 23 maart / Jan
Lauwers
|
rente -
Jan Blanckaert en
echtgenote zetten op dit huis en OLV/1639 een rente van 0-20-0 pen 16
ten voordele van Jan Lauwers .
Het huis heette 'Sint Andries (Cruijce)'
en bevond zich in de Wullestrate,
huidig adres Wollestraat 12.
|
|
OLV/1644
|
1608,
10 oktober / Jan Lauwers
|
inbeslagname - G. De Gusere, deurwaarder van
de Raad van Vlaanderen, nam 1/2e van dit huis in beslag, ten laste van
Steven Oste en
Jan Verhouve,
schoonzoon van Oste,
op verzoek van Jan Lauwers , commissaris van de belastingen
in het Kwartier van het Vrije. Dit wegens een schuld.
|
|
OLV/1651
|
1606, 10 mei / Jan
Lauwers
|
verkoop -
Jan Lauwers en echtgenote verbonden dit huis in
een lopende schuld van 600-0-0 ten voordele van Maurus Lammens. Maurus Lammens en
echtgenote verkochten het huis met lasten aan Jan Lauwers. Het huis
heette 'Den Assack of
de Tassche' en
bevond zich in Oudenburch,
huidig adres Oude Burg 11.
|
|
|
1610,
12 augustus / Jan Lauwers
|
verkoop - Jan Lauwers
en echtgenote, eigenaars van het
achterliggend huis, verkochten dit huis aan Pieter Verschuere met de
erfdienstbaarheden en lasten.
|
|
OLV/1654
|
1608, 28 april / Jan
Lauwers
|
transport -
Wouter van Huele en
echtgenote verbonden het recht dat zij op dit huis via decreet
verkregen, ten voordele van Jan Lauwers .
Dit tot verzekering van de som van 8570-17-8 parisis en 708-13-7. Het huis heette
'De Goude Haspe'
en bevond zich in Oudenburch,
huidig adres Oude Burg 17.
|
|
|
1610,
9 juni / Jan Lauwers
|
transport - Wouter van Huele en echtgenote
transporteerden hun rechten op dit huis opnieuw aan Jan Lauwers voor de verzekering van dezelfde
sommen.
|
|
|
1610, 11 augustus / Jan
Lauwers
|
transport -
Jan Lauwers transporteerde aan Mechior vande Lane, gehuwd met Jacqueline, dochter van
Jan van Havere, het recht dat hij op dit
huis verkreeg naar aanleiding van de verkoop bij decreet en de
transporten die erop volgden.
|
|
Sint-Jacobs
JAK/1670
|
1581,
28 september / Jaak Lauwers
|
lopende schuld - Huibrecht
Govaert die de weduwe en bezitter van het sterfhuis van Jacob
Lauwers huwde (die het huis bezat volgens een
melding op 1 januari 1580), verbond de helft van dit huis aan een
lopende schuld van 20-0-0 ten voordele van Barbele (Barbara) de Haese. Lasten
0-2-0 van de totale landcijns van 0-8-0 voor dit huis en vier andere.
De klerk van dienst was Bart van Praet. Het huis heette 'Het Stoffelken' en bevond
zich in de huidige Geerwijnstraat 11.
|
|
|
1612,
30 juli / Maeyken en
Jacob Lauwers
|
verkoop -
De erfgenamen van Ruebrecht de Mesmaker en de weduwe van Hendrik Bavelare (1/2e), L.
Adriaens, gemachtigd door Hendrik Maertens en Maeyken, dochter van Jacob Lauwers (1/2e), verkochten dit huis aan Jaak Bruneel. Lijfrente en lopende schuld waren afgelost.
|
|
JAK/1678
|
1629, 23 februari / Clement en Jan
Lauwers
|
verkoop - Michiel de Clercq
de oude en echtgenote verkochten het huis aan Jan Lauwers , zoon van Clement. Jan Frans
verbond een huis JAN/0614 ter ontlasting van de lopende schuld van
50-0-0. Jan Lauwers verbond het huis in een lopende schuld vn 56-0-0 ten
voordele van Michiel de Clercq de oude. Het
huis bevond zich in de huidige Ontvangersstraat 22.
|
|
|
1630, 7 augustus / Jan
Lauwers
|
verkoop -
Jan Lauwers en
echtgenote verkochten het huis aan Gillis Sijmoens.
|
|
JAK/1764
|
1712,
5 september / Pieter Lauwers
|
lijfrente - Jaak De Pape en echtgenote bezetten op dit
huis een lijfrente van 5 gr. jaarlijks pen 10 ten voordele van Pieter
Lauwers, Augustijnermonnik.
Het huis heette oorspronkelijk 'Den Landman'. Het werd in 1860
onteigend om de Geldmuntstraat te verbreden.
|
|
|
1776, 26 september / Isabelle
Claire Lauwers
|
lijfrente -
Martin De Papa en echtgenote bezetten een lijfrente op dit huis van
2-0-0 pen 8 ten voordele van Philippe Nn. in naam van de erfgenamen van
het sterfhuis van Isabelle Claire Lauwers, begijn te Gent.
|
|
Sint-Nicolaas
NIK/1670
|
1666,
6 september / Laureins Lauwers
|
schenking - Laureins Lauwers , gemachtigd door Charles de Gros
(procuratie voor notaris Pieter Vlaeminck te
Gent), schonk het huis aan Jaak Frans
de Maulde, ter
acceptatie van meester Willem Bellero. De schenker behield levenslang
vruchtgebruik (alsook zijn zus?). Het huis bevond zich aan de Oudebrug.
|
|
Carmers
CAR/0011
|
1795, 28 februari / Jozef Lauwers
|
verkoop -
Anna de Mey, weduwe zonder kinderen van het sterfhuis van Jozef
Lauwers, en daarvoor weduwe met kinderen van Filips Denijs,
verkocht dit huis aan Joos d'Oude voor
700-0-0. In 1580 werd het huis vermeld als "den Helm", toen
eigendom van Amant de Beste. Het bevond zich in de Vlamingstraat.
|
|
|
1580 - Maria Lauwers
huwde don Juan de Peralta, schepen van Brugge
|
Een verhaal dat mij bijzonder aansprak, was het verhaal van Maria Lauwers die in Brugge huwde met don
Juan de Peralta. Daar zijn verschillende redenen voor: het hotel
“Navarra” te Brugge werd gehuisvest in hun voormalige woning, als
uitwisselingsstudent had ik gewoond in El Paso, Texas, VS, in
een Mexicaans-Amerikaans gezin, en een schoonzus kwam uit Cebu in de
Filippijnen.
De familie de Peralta was in al deze
plaatsen aanwezig. De familie bleek niet alleen in Vlaanderen een
belangrijke rol te hebben gespeeld, zij kwamen voor in het Spaanse
erfgoed van Texas en New Mexico en zij waren betrokken bij de verovering
van de Filipijnse eilanden.
|
Het
hotel Navarra, een in de 17e eeuw verbouwd herenhuis in de
Sint-Jacobsstraat 41 in Brugge: hier bevond zich voordien het woonhuis van don
Juan de Peralta en Maria Lauwers .
Don
Juan de Peralta was geboren op 22 juni 1549 en was, behalve consul van de
Spaanse provincie Navarra, schepen van de stad Brugge tijdens het Spaanse
bestuur. Hij bouwde op de plaats van het huidige hotel Navarra in Brugge
zijn ambtswoning, en huwde in Brugge in januari 1576 in de
Onze-Lieve-Vrouwekerk met Maria Lauwers. Marie Lauwers was een dochter
van ridder Jan Lauwers .
De echtelieden vonden hun laatste rustplaats in de nabijgelegen
Sint-Jacobskerk, achter het hoogaltaar, onder een witte grafzerk. Maria
Lauwers en don Juan de Peralta hadden vier kinderen in leven. Er was
een melding van het vroegtijdig overlijden van minstens één kind, Joannis Cornelij,
in 1614.
Dochter Marie zou blijven wonen
in de ambtswoning. Zij huwde Jean Pardo, een burgemeester van Brugge.
De jongste dochter Alexandrine huwde
met Charles François Louis de Schoote, heer van Marckhove,
schepen van financiën van Brugge en gedeputeerde van de Staten-Generaal van
Vlaanderen. Door dit laatste huwelijk kwam het gebouw in het bezit van de
familie van Marckhove.
Een
andere dochter, Anna de Peralta,
huwde François De Wilde. François De Wilde was vermoedelijk ook een tijd
burgemeester van Brugge. Hij overleed op 15 juli 1637. Anna de Peralta
overleed in augustus 1638 en werd begraven te Sint-Jacobs te Brugge. Een
dochter van dit koppel, Marthe Dewilde,
huwde Louis van Nieuwenhove, eveneens begraven in het familiegraf de
Peralta. Een oorkonde van 23 juni 1609 vermeldde het transport van
rente van Lopez de Villegas [zie ook
verder vermelde verwantschap te Antwerpen] aan Marie
Lauwers, de weduwe van Juan de Peralta, een rente die nadien via
Marthe De Wilde toekwam aan haar echtgenoot Louis van Nieuwenhove.

Familie
van don Juan, Diego de Peralta, werd vermeld in oktober 1585 in
Antwerpen als gehuwd met Francisca de Villegas, dochter van
Diego de Villegas. Nog blijkens een vermelding op 15 oktober
1586 te Antwerpen, werd vermeld dat Francisca de Villegas,
ingezetene van Antwerpen, een broer had die Grégoire de Villegas heette
die in Brugge woonde. Diego de Peralta was vermoedelijk een broer
van don Juan de Peralta. Zij stelden in Brugge iemand aan om met Jan
van den Rymme, zoon van Joos, in het sterfhuis van zijn broer
Pauwel van den Rymme de nalatenschap af te handelen van
Anna de Villegas. Anna was een zus van Francisca die gehuwd was
met Pauwel van den Rymme.
De
melding toonde verwantschappen aan tussen Brugse en Antwerpse families. Het
was ook een indicatie voor de verwantschappen tussen de Brugse en Antwerpse
Lauwers families. Dat de verwantschappen soms ver gingen, bewees ook de
melding van ene Hendrik Laurens te Antwerpen in februari 1573. Hij werd er
vermeld als koopman van Amsterdam die verhuisd was naar Danzig (Gdansk,
Polen).
Historisch
bekende tijdgenoten en familieleden van Juan de Peralta
Gaston Carillo de Peralta y Bosquete,
onderkoning van Nueva España (Amerika)
Gaston Carillo de Peralta y Bosquete,
de derde markies van Falces in 1510-1595, was onderkoning
van New Spanje (Nueva
España of de Spaanse bezittingen in Noord- en Centraal Amerika, met als hoofdstad
Mexico-City) van
16 oktober 1566 tot 10 maart 1568. Hij volgde Luis de Velasco op,
of beter, diens interim opvolger Francisco Ceinos na het
overlijden van de Velasco in juli 1564.
Gaston
werd meteen geconfronteerd met een samenzwering tegen het Spaanse
koningshuis, waarbij ook Hermán Cortés was betrokken. De samenzweerders
streefden (toen al) naar onafhankelijkheid van Spanje.
Gaston
de Peralta kwam op de hoogte van de samenzwering toen hij nog
in Veracruz was. Bij zijn aankomst in Mexico-stad, veranderde hij
de doodstraf, uitgesproken door een lokale rechter van de Real Audiencia de
Mexico, voor Luis en Martin Cortés en zond hen terug naar
Spanje. Bij zijn aankomst in Mexico-stad was de sfeer er gespannen. Hij
liet de artillerie en soldaten verwijderen rond het paleis van de
onderkoning en streefde naar consensus. Hij werd daarvoor ter
verantwoording geroepen in Spanje – wat zijn eerder korte regeerperiode
verklaarde – maar niet nadat hij een hospitaal had opgericht voor
bejaarden, invaliden en geesteszieken. Terug in Spanje kwam zijn rechtszaak voor
en werd hij vrijgesproken. Hij nam er de functie van consul van Navarra
op, een titel die ook door Juan de Peralta werd gevoerd, en hij
overleed in 1587 in Valladolid.
In
Nieuw-Spanje volgde Alonso Muñoz hem op als president van
de Audiencia, en meteen startte een paranoïde regime waarbij de
doodstraf werd uitgesproken tegen alle vermoede tegenstanders. Alonso Muñoz gedroeg
zich als een tiran en werd daarvoor, na diverse klachten van burgers aan de
Raad voor de Indiën, teruggeroepen naar Spanje. Hij werd er
berecht en belandde in de gevangenis.
Kort
daarvoor in 1540-1542 had Antonio de Mendoza aan Francisco Vazquez de Coronoda opgedragen
het Amerikaanse Zuidwesten te verkennen en toe te voegen aan het
uitbreidende territorium. Juan Rodriguez Cabrillo kreeg
een soortgelijke opdracht en was doorgebroken tot de Grote Ocenaan via de westelijke kust van Las Californias (Vieja California
of Baja California) in 1542-1543. Dit gebied kreeg de naam
Nieuw-Californië (Nueva California) en Cabrillo was
daarmee de eerste Europeaan om voet aan land te zetten in wat nu de huidige
staat Californië is in de V.S..
Tussen
1542-1543 verruimde ook Ruy Lopez de Villabos het Spaanse
Oost-Indië. Deze territoria behoorden tot Nieuw Spanje toen Gaston Carillo de Peralta onderkoning
werd. In 1565 boekten de Spanjaarden ook succes in wat nu het huidige
Florida is, met de stichting van Sint-Augustine. In 1564 besloot men de Filippijnen
te veroveren.
Afbeeldingen:
Gaston Carillo de Peralta; het Peralta Adobe
is het oudste adres in San José, Californië, gebouwd in 1797, als oudste
overblijvende woning van El Pueblo de San José de Guadeloupe. Deze
voormalige woonplaats van de families Gonzales en Peralta,
is nu een museum. Het landgoed was een gift van de laatste
Spaanse gouverneur Don Pablo Vicente de Sol aan sergeant Luís
Maria de Peralta (1791-1851) voor 40 jaar dienst in het
Spaanse leger. Zijn vier zonen vestigden zich op het landgoed.
Diego de Peralta, een
reisgenoot van Magellaan en Juan de Peralta, een Spaanse
kapitein die zich vestigde in de Filippijnen
Bij Magellaans expeditie in 1518, was
één van de (Baskische) bemanningsleden ene Diego de Peralta, afkomstig van
de gelijknamige plaats. Dat jaar voeren vijf schepen naar de Filippijnen:
de Trinidad, de San Antonio, de Concepción, de Santiago en de
Victoria. 36 van de 365 bemanningsleden waren van
Baskische origine. Slechts drie schepen bereikten de Filippijnen, en
Magellaan werd er gedood.
Na
de dood van de onderkoning don Luis de Velasco was het
zoals gezegd de Audiencia die regeerde. Eén van hun eerste
bekommernissen was de verovering en kolonisatie van de Filippijnen, zoals
koning Filip II, die zijn naam gaf aan de eilandengroep, had bevolen.
In
1559 had Fray Andrés de Urdaneta het commando
van de expeditie geweigerd en don Miguel López de Legazpi had
aanvaard. Vier schepen voerden uit op 21 november 1564: de San Pablo, de
San Pedro, de San Juan en de San Lucas, onder de leiding van Legazpi en Urdaneta.
Eens aangekomen, zond Legazpi de ervaren zeeman Urdaneta terug
om een betere route te vinden. Urdaneta voer van San Miguel naar
Cebu op 1 juni 1565.
Het
schip bereikte uiteindelijk Acapulco op 8 oktober 1565 na een reis van
12000 mijl (20000 km) die hen 130 dagen nam. Veertien bemanningsleden
hadden de reis niet overleefd. Hoewel Alonso de Arellano een
snellere route had gevonden en al in augustus was aangekomen in Barra de Navidad, Jalisco,
waren Urdanetas notities veel betrouwbaarder en kreeg zijn route
de voorkeur.
Vanuit
Mexico keerde Urdaneta terug naar Europa om verslag uit te
brengen van de expeditie. Hij keerde van daar terug naar Nieuw-Spanje met
het voornemen opnieuw naar de Filippijnen te varen, een voornemen dat hij
niet meer zou uitvoeren. Miskend door de nieuwe koning Karel I van Spanje,
trok Urdaneta zich terug als Augustijner monnik. Voor de rest van
de 16e en 17e eeuw werd zijn route bevaren
tussen Manilla en Acapuclo, een route die de
naam “Urdaneta route” meekreeg.
Kapitein
Juan de Peralta (1583-1646) was geboren in Santander, Spanje, en voer naar
de Filippijnen. Hij werd er de stamouder van een vooraanstaande familie.
Don Juan de Peralta Suárez schreef
het eerste Mexicaanse boek over paardrijden in 1581
Don
Juan de Peralta Suárez schreef het eerste Mexicaanse
boek over paardrijden. Hij stelde dat de beste paarden in het
land licht kastanje, zilver grijs en donker sorrels waren,
omdat deze "uitstekend dieren van zeer goede snelheid, zeer
geschikt om te zetten in de oorlog” waren. Ze reden gemakkelijk en
waren het snelst.
Pedro de Peralta in
dienst van koning Juan II in de 15e eeuw
Een
illustere voorouder van Juan de Peralta was Pedro de Peralta, ook genoemd Pierres
de Peralta, bijgenaamd “el Joven”, in het Nederlands
“de Jonge”. Hij ging de geschiedenis in als een wreed, bloeddorstig en
despotisch man.
Pedro was een zoon van Pedro Martínez de Peralta y Ruiz de Azagra,
ook bekend als mosén Pierres de Peralta "el Viejo",
in het Nederlands “de Oude”, en diens echtgenote Juana de Ezpeleta y Garro,
dochter van de baron van Ezpeleta en de zuster van mosén Beltrán de Ezpeleta,
eerste burggraaf van Val de Erro. Pedro de Peralta was
in 1442 zijn vader opgevolgd en in 1440 in Tafello gehuwd met
Agnes van Brabant, een buitenechtelijke dochter van Anton van Bourgondië
(1384-1415).
 Afbeeldingen: het wapen van don Pedro de Peralta,
waarin we het in het rechts onder kwartier het Brugse wapen van de Peralta
herkennen.
Agnes van Brabant overleed op 9 juli 1455
en Pedro hertrouwde op 18 juni 1462 met Isabel de Foix, de
dochter van Gaston de Foix-Grailly en tevens nicht van
Catharina I van Navarra (toen
weduwe van Jacques de Pons, burggraaf van Turenne). Pedro de Peralta was de
aanvoerder van de Agramonteses, een verbond van edelen die in de
burgeroorlog van Navarra de zijde kozen van Johan II van Aragon.
Hij nam zijn belangrijkste tegenstanders Karel van Viana en
Lodewijk I van Beaumont gevangen bij de slag van Aibar in
1451 tegen de Beaumonteses, de medestanders van Karel van Viana die
aanspraak maakte op de troon van Navarra.
Nog in 1461 had hij de plaats Viana verdedigd
tegen de Castiliaanse troepen. Vervolgens trok hij naar Catalonië in 1462
om er de belangen van Aragon en Juan II te verdedigen en de opstandige
Catalaanse troepen te confronteren. Hij nam er Blanca, de zus van Karel van Viana gevangen.
Zij overleed twee jaar later in de gevangenis van Orthez,
waarschijnlijk door vergiftiging, en Pedro werd ter dood veroordeeld en
zijn bezittingen werden in beslag genomen. Juan II verleende gratie, en
Pedro betrad opnieuw het strijdtoneel. In 1463 verdedigde hij Estella tegen
Castilië, hoewel Navarra de stad moest overdragen.
Pedro de Peralta reisde naar
Rome en bewerkstelligde de benoeming van Nicolas de Echávarri tot
bisschop van Pamplona. Tijdens de Cortes die in november 1468 te Navarra
werd gehouden, legde hij een hinderlaag en bracht bisschop de Echávarri om
het leven met een lans. Pedro werd hierdoor geëxcommuniceerd,
zijn bezit werd opnieuw in beslag genomen, en opnieuw kreeg hij pardon van
Juan II.
In 1469 bemiddelde hij in het huwelijk tussen
Ferdinand II van Aragon en Isabella I van Castilië. Datzelfde
jaar verzette hij zich tegen de vrede gesloten tussen Gaston IV van Foix,
diens vrouw Eleonora I van Navarra en Johan van Beaumont door
steden als Tuleda, Sangüesa, Peralta, Falces, Funes en Azagra te
bezetten. In 1471 werd vermeld dat hij boete deed te Rome voor de moord op
de bisschop. Het leverde hem de gratie van paus Sixtus IV op,
maar hij moest als boetedoening 3 jaar vechten tegen de Turken – een boete
die later werd omgezet in een verbintenis te strijden tegen de Moren in
Granada.
In 1474 ontzette hij koning Juan II in Perpignan
toen die daar belegerd werd. Pedro de Peralta verliet het
politieke strijdtoneel na de dood van Juan II in 1479. Hij overleed in 1492
te Navarra. Zijn kinderen waren Pedro, Juana (in
1467 gehuwd met Troillo Carillo, een buitenechtelijk kind van
Alonso Carillo) en Anna (dochter met Isabella de Foix).
Pedro de Peralta (2) gouverneur
van New Mexico in 1610
Een
naamgenoot van voormelde voorvader van Juan de Peralta, bereikte de
eerste hoofdstad van de Amerikaanse staat New Mexico in januari
1610. Hij was aangeduid als gouverneur in opvolging van Oñate in
1607 na diens weinig succesvolle zoektocht naar het legendarische zilver
van Quivira en expedities langs de
Colorado rivier en in het zuiden van de Golf van Californië. In 1609-1610
stichtte hij de stad Santa Fe (“Heilige hoop”). De hoofdstad van New Mexico
was de stad San Gabriel aan de westoever van de Rio Grande. Juan de Oñate was
de eerst gekende gouverneur en stichter van New Mexico. Omdat de stad te
ver naar het noorden lag ten opzichte van de pueblo dorpjes bezuiden de Rio
Grande, had de Oñate in 1608 al het voornemen om de hoofdstad te
verhuizen naar Santa Fe, een voornemen dat door Pedro de Peralta werd
uitgevoerd.
Afbeelding: een andere
naamgenoot, Pedro de Peralta Barnuevo Rocha y Benavides (1664-1743) kennen
we uit de geschiedenis van Peru, Zuid-Amerika. Hij was Peruviaanse dichter,
dramaturg, geschiedschrijver, wiskundige en professor aan de universiteit
van San Marcos in Lima, Peru. Hij was een nazaat van Cristobal de Peralta, een
lid van Pizzaro’s expedities naar Peru vanaf 1524.
Kapitein Francisco de
Peralta, gevangene van Engelse boekaniers in 1680
In het dagboek van Basil Ringrose, een
Engelse piratenkapitein (boekanier) in het Caribische gebied, kreeg
Francisco de Peralta een vooraanstaande plaats. Het boek werd
gepubliceerd in 1685 in Londen, Engeland. Op 23 april 1680 namen de
boekaniers een Spaanse kapitein gevangen nabij het eiland Perico,
Francisco de Peralta.
De boekaniers waren er op uit om een raid uit te
voeren op een nieuwe nabijgelegen stad in Panama op het schiereiland Ancón. Ringrose omschreef
zijn gevangene aanvankelijk als een “oude Spanjaard, afkomstig uit
Andalusië”, al voegde hij er aan toe dat de Spanjaarden zich moedig
hadden verdedigd.
Tijdens het gevangenschap groeide tussen beiden
kapiteins een warme vriendschap en Ringrose leerde van de
Peralta zelfs een mondje Spaans. Tien jaar eerder was kapitein
Francisco de Peralta nog ontsnapt met de Santisima Trininad (Heilige Drievuldigheid) tijdens een raid van de boekanier Morgan. de
Peralta werd pas in december dat jaar vrijgelaten in Coquimbo.
Francisco Ibáñez de
Segovia y Peralta, gouverneur van Chili in 1700
Francisco Ibáñez de
Segovia y Peralta, geboren in 1644 in Madrid, was Spaans koloniaal en
gouverneur van Chili tussen 1700 en 1709. Hij overleed in 1712 te Lima.
Afbeelding: Francisco Ibáñez de
Segovia y Peralta, van de hand van een 18e eeuwse
onbekende schilder, in het Museo Historico Nacional.
|
Gestileerde tekening
van het familiewapen "druiventrossen" door Liesbet Lauwens,
2015. - Stamboomschema uit collectie Laurentii.be -
Schilderijen o.m. Gaston Carillo de Peralta,
heraldische wapens, kaart Filipijnen en foto Niteowlneils van
2012 onder licentie Creative Commons CC
BY-SA 3.0 / Public domain (Bron: Wikipedia).
|
|