|
Blog – de Kerkstoel,
iets over vondelingen
|

Ik kreeg eens een oude kerkstoel cadeau
van mijn schoonzus Gerda. Het was zo’n hoge stoel met biezen. Zo'n stoel
deed niet onterecht denken aan een bouwbedrijf in
Heist-op-den-Berg. De familie stamde van een jongen gevonden in Antwerpen
op zo’n zitmeubel en men bedacht de vondeling met de familienaam "Kerkstoel".
In Berlaar kregen de nazaten van een vondeling
die aan de ingang van de kerk werd gevonden zo de familienaam "Ingang"
mee. Nog in Antwerpen kreeg een meisje in 1694 de naam "Ommeganck"
mee omdat zij gevonden was in de ommegang van de Onze-Lieve-Vrouwekerk
aan een biechtstoel. Dat soort vindingrijkheid leidde vaak tot originele
familienamen.
Het hoefden niet altijd namen te zijn die met
een kerk verband hielden. Ik was bij het stamboomonderzoek nog
vondelingen tegengekomen. Bij de aangehuwde familie Cami wist men dat men
afstamde van een vondeling in generatie 8. Voorouder Ignace Cami werd op
2 februari 1813 gevonden in het vondelingentehuis in de Lepelstraat in
Antwerpen in kleren van wol en katoen, afgeboord met kant. Dat wees toch
op een 'gegoede' afkomst. Het kind was 4 weken oud, mannelijk, en was in
goede staat, volgens het vondelingenregister. Snel werd de conclusie
getrokken dat de vondeling iets te maken had met de soldaten van
Napoleon, en dat het mogelijk om een "enfant de la patrie",
om een buitenechtelijk soldatenkind, zou gaan. Dat bleek steek te
houden: de gevonden kleding verwees naar de kleermakersfamilie Cami, en
soldaat Nicolaas Cami had in het Antwerpse iets had gehad met een
voormoeder. De man diende als Jager-te-Paard in het leger van Napoleon,
en was kort daarvoor in 1813 in Elsene overleden.
Ook in de aangehuwde familie Yskout ging de oorsprong
terug tot een vondeling. Voorouder Silvester Yskout (Yskoud) was
op 31 december 1834 te vondeling gelegd in Antwerpen op een winterdag.
Naar verluid was het toen overdag nog 12 graden met een overheersend
zuidwestelijke wind, en toch had de jongen zijn familienaam te danken aan
de ijskoude toestand waarin hij werd aangetroffen. Hij werd opgenomen in
het gezin van Jan Baptist Van Loock in Baal, huwde Isabelle Vanderveken
en zou overlijden op 9 februari 1895 in Baal op een bijzonder koude dag –
het vroor die dag tot -9°C.
Er was geen spoor naar zijn afkomst.
In de aangehuwde familie Alewaeters werd
voorouder Jacques Haelewaters in 1570 gevonden in Hombeek toen iemand water ging halen.
Er was geen spoor naar zijn afkomst.
Families Lauwens/Lauwers namen wel eens een
vondeling op in hun gezin. Wanneer zij in Mechelen woonden, kreeg het
kind vaak de familienaam Rombouts mee, naar de kathedraal waar zij waren gevonden.
|
Marie-Anne
Lauwens was op 7 november 1794 in Mechelen
Sint-Jan meter van een vondeling, gevonden op het Sint-Janskerkhof in
Mechelen. De jongen kreeg als naam Frans "Verlaeten" mee. "Verlaeten" was de oud-Nederlandse schrijfwijze
van "verlaten", zoals in de woorden van Matthias Agolla in "Zedelijke
Sermoonen” in 1729-1730: "Sterven is verlaeten, en al dat gy siet, en al dat gy hebt, en al dat gy hier
hoopt." Verlaeten/Verlaet waren typische vondelingennamen.
Vondelingennamen
ontsproten vaak aan de fantasie van de naamgevers. Op 27 augustus 1795 was
zij meter bij het doopsel van een meisje dat te vondeling werd gelegd en
dat de naam Marie-Anne "Pomp"
meekreeg. Het kind was gevonden door Jan Rijmenans in een conciërgewoning,
vermoedelijk aan de pomp... Eerder op 10 september 1787 trad Marie-Anne al
eens op als meter van een vondeling, gevonden aan de hoofdpoort van
Sint-Rombout. Deze jongen kreeg als naam Jan Michel "Rombouts" mee.
Deze naamgeving was niet ongewoon. Op 4 februari 1787 was zij meter van een
andere "Jan Rombouts", ook gevonden aan de ingang van Sint-Rombout.
Marie-Anne moet
actief zijn geweest in de parochie. Datzelfde jaar was zij meter voor de
vondelingen "Steens" Katrien, Lucia, Peter, Thérèse, en in 1788 voor "Steens" Jan en
Marie. Katrien
Steens was gevonden op
19 januari aan de poort van de conciërgewoning, Lucia Steens werd er gevonden op 4 december, en
Peter Steens werd gevonden achter het oud kerkhof. Thérèse
Steens werd gevonden
op 21 september aan de Adegempoort. De kinderen werden doorgaans de dag
nadien al gedoopt. Jan Steens werd
gevonden aan de noordelijke poort van Sint-Rombout, en Marie Steens werd gevonden op 28 maart aan de
poort van de conciërgewoning. Nog in 1795 was Marie-Anne meter van een
andere vondeling, een meisje. Bij het doopsel op 31 januari 1795 kreeg deze
vondelinge de naam Marie-Thérèse "Van der Porten" mee, en ook zij was gevonden aan
de poort van de conciërgewoning. De kinderen Steens waren overigens per
definitie geen familie, zij kregen gewoon een toen gangbare vondelingennaam
toegewezen.
Op 4 maart 1795
was Marie-Anne meter van een jongen die te vondeling werd gelegd in de
Schaalstraat, aan de deur van N. Boeijkens. Hij werd gedoopt als Libert
"Zorgmans"
in Mechelen Sint-Jan. Op 7 april 1796 was zij meter bij het doopsel van Leo Van Steen, een vondeling gevonden in de
Sint-Romboutskerk een dag eerder.
Marie-Anne
Lauwens was overigens op 11 april 1780 in Mechelen
Onze-Lieve-Vrouw gehuwd met Jan Van den Houden. Het gezin had twee
dochters, gedoopt in 1781 en 1783 in Mechelen Sint-Rombout, de parochie
waar het gezin woonde.
1787 - Jan Rombouts, vondeling uit
Mechelen, uitbesteed aan Mathijs Lauwers
Een notarisakte van
20 april 1781 vermeldde het echtpaar Lauwers-Van Steenwinckel als
woonachtig in de parochie Muizen bij Mechelen: “Testament gemaeckt door Mattheus Lauwers en Elisabeth Van
Steenwinckel gehuysschen ende ingesetene
der prochie Muysen”.
Jan Rombouts, een vondeling uit Mechelen,
geboren omstreeks augustus-september 1787, werd uitbesteed bij Mathijs
Lauwers . Deze jongen overleed op 21
september 1787 in Muizen. Mathijs Lauwers was afkomstig van Muizen, geboren
op 14 december 1746 als zoon van Peter Lauwers en Anne Marie De Wit. Hij werd genoteerd als
boer bij de volkstelling van 1796. Eerder was Mathijs Lauwens van
Muizen "bij Geerdegem" ook al voogd voor de
vondeling Rumoldus (Rombout) Rombouts,
gevonden op 5 december 1786 in de Sint-Romboutskerk. Het gezin Lauwens-Van
Steenwinckel ontving hier een onderhoudsgeld voor. Een andere vondeling die
aan het gezin werd uitbesteed was Thérèse Steens, gevonden op 22 september 1787
buiten de Gentse poort. Marie-Anne Lauwens was haar meter.
|
Creatief met vondelingennamen
De creativiteit die men aan de dag legde om
vondelingen namen te geven is een verhaal op zich. Men verwees hierbij naar
de vindplaats, het tijdstip waarop de vondeling werd gevonden, naar
kenmerken van het kind, naar de voornaam van de vinder, maar ook naar een
gemoedstoestand, weersomstandigheden, of men fantaseerde
gewoon. Andere voorbeelden:
|
een gebeurtenis
|
Vondelinghs, Vindelinckx, Van de Vondel (vondelingenschuif),
Vondel
|
|
een vindplaats
|
Verbruggen, Van Steenweghe, Vlaminx (gevonden
in de Vlamingenstraat), Van Brusselen, Van der Tonnen, Van der
Poorten, Van Buyten (… de wallen, extramuros), Voorder (verder),
Ingang, Portael, Pilaer, Cloosters, Kerkstoel, Oevers, Gracht, Van de
Vaert, Oevers, Ketteken (gevonden in de Kattestraat), Manders (gevonden
in een mand), Leeuwens (aan huis de Leeuw), Keucken, Solder,
Kelder, Kamer, Molen, Radt, Van de Venster, Aendenboom, Plantsoen,
Weymans (in de wei), De Rue, ter Straeten
|
|
een tijdsmoment
|
Maenlicht, Nachtbol, Enckel, Dobbel en Tripel
(volgorde van vinden), Bellens (toen de bel ging), Van de
Bel, Duyster, Sluytmans, Laetens, Keirs, Vangenachten, Vrijdachs,
Vendredi, Van Avont, Van Seven, Negenaer, Van Elf, Paeschnacht, Van
Paesschen, Mars (maart), Maendag, Winters, Kermis, Kerstens, (de) Noël,
September
|
|
naar weers-omstandigheden
|
Vanderwinden, Verplas, Koudt, IJskout, Nevel, Oostwindt, Regenplas, Droog,
Groenegras, Steens, Eysel, Sneeuwer, Wint
|
|
naar de vinder
|
Beckers, Portier, Coster, Peeters, Janssens,
Mertens
|
|
naar
kenmerken van het kind
|
Snutter, De Schreeuwer, Bleckaert (naakt of
bloot gevonden), Naecktgeboren, Petit, De Kleine, Onverwacht,
Vremdelincx, Windel, Kael, Vuil, Cleyn, Dickbol, Van de Munte (een
munt gevonden in de windel),
Caluwaert (kaal van aard), Corbeel (pikzwart haar, zoals een
raaf of 'corbel'), Bruynaert, Maegere
|
|
fantasie
namen
|
Banck, Pickel, Trap, Stoel, Kerck, Schup,
Graf, Grafsteen, Kelder, Keucken, (On)Gemack, Verloren, Arbeidt, Zuyden,
Citroen, Appelcien, Grenaet (appel), Milloen, Ananas, Wortel,
Struyck, Tack, Bladt, Plant, Vrucht, Schup, Steel, Spel, Troef, Koeck,
Blauw, Wittens, Swertens, Groen, Violet, Gruys, Kalk, Traweel, Steen,
Oost, West, Noort, Zuyden, Keerse, Kandelaer, Kanora, alsook mythologische
namen als Alcibiade,
Nestor, Olympiade, Andromacque (van Andromachus) Ariadne, Aristide
|
|
naar
een gemoedstoestand
|
Komtons, Helpen, Uytden, Slaever, Booze,
Enfin, Alles, Gaetoem, Zeep, Helaes, Bijstand
|
|