|
LEE XX - 001839 - GEZIN De Prins – Lauwens 1842 Leest
Pieter Jan
De Prins huwde op 26 september 1842 in Leest met Colette Lauwens .
Pieter Jan De Prins was geboren op 15 januari 1817 in Zemst als zoon van
Rombout De Prins en Johanna Maria Bogaerts. Hij was landbouwer en
handwerker. Lauwens Coleta was geboren op 5 augustus 1819 in Leest als
dochter van Jacques Lauwens en Catherine Vertommen (Vertonghen)
[ZIE LEE XIX – 001681]. Peter Jan De Prins overleed op 12 januari
1884 in Leest, drie dagen voor zijn 67e verjaardag, melding “man
van Coleta Lauwens”. De aangifte gebeurde door Hendrik De Prins, 31
jaar, en Antoon De Prins, 25 jaar, landbouwers en zonen van de overledene.
Colette Lauwens was landbouwster, bleef 15 jaar weduwe, en overleed op 30
april 1898 in Leest op 78-jarige leeftijd.
·
Marie De Prins werd geboren op 4 februari 1843 in Leest. Zij huwde op 10 juli
1878 in Leuven met Jean Mathijs Meurice. Jean Mathijs Meurice was geboren
op 7 maart 1821 in Groeningen, Noord-Brabant, Nederland toen Nederland en
België nog in één koninkrijk waren verenigd en hij was bijna 22 jaar ouder
dan zijn bruid. Hij was ambtenaar voor het Koninkrijk België. De kinderen
waren voor het huwelijk geboren in Vilvoorde en in Leuven en werden erkend
bij het huwelijk.
·
Pauline Clementine De Prins werd geboren op 27 april 1845 in Leest. Zij
overleed er op 21 oktober 1855, 10 jaar oud.
·
Jan Baptist De Prins werd geboren op 21 juli 1847 in Leest. Hij
huwde op 27 november 1873 in Leest met Jeanne Marie Verbruggen. Jeanne
Marie was geboren op 30 januari 1853 in Zemst als dochter van Willem
Verbruggen en Elisabeth Van Den Branden, en de ouders woonden in Kapelle-op-den-Bos
bij het huwelijk. Hij was landbouwer en handwerker, zij was dienstmeid.
·
Frans De Prins werd geboren op 12 februari 1850 in Leest. Hij huwde er op 19 augustus
1874 met Marie-Anne Polfliet. Marie-Anne was geboren op 13 november 1825 in
Malderen als dochter van Frans Polfliet en Catherine Lauwereyns. Zij was
eerder gehuwd en weduwe van Philip Mieckeleers. Marie-Anne Polfliet
overleed op 9 oktober 1912 in Leest op 86-jarige leeftijd. Frans overleed
op 7 september 1933 in Leest op 83-jarige leeftijd. Zij waren landbouwers.
·
Hendrik De Prins werd geboren op 27 oktober 1852 in Leest.
Hij was landbouwer en huwde op 28 september 1892 in Hombeek met Marie
Pelagie Gooris (Goris). Bij het huwelijk waren broer Antoon en
nonkel Pieter Jozef De Prins getuigen. Op 16 september 1892 was een
huwelijkscontract opgesteld bij notaris Van Melckebeke in Mechelen. Hendrik
overleed op 30 juni 1917 in Leest op 64-jarige leeftijd.
·
Jeanne De Prins werd geboren op 24 augustus 1855 in Leest.
Zij huwde er op 4 december 1878 met Peter Herman Campion, gedoopt op 7 juli
1849 in Leest als zoon van Frans Campion en Monique De Maeyer. Beiden waren
landbouwers. Hun zoon Philip Theo Campion huwde op 29 maart 1913 in
Hombeek met Pauline Adelaide Bogaerts [generatie XXII].
·
Antoon De Prins werd geboren op 28 april 1858 in Leest. Hij
was landbouwer en overleed op 9 februari 1933 in Leest op 74-jarige
leeftijd.
·
Caroline De Prins werd geboren op 5 mei 1861 in Leest. Zij
overleed er op 19 februari 1864, enkele maanden voor haar derde verjaardag.
|
Afbeelding: een familiewapen De Prince / De Prins in het
hertogdom Brabant, omgeving Meise, omstreeks 1538 bij het huwelijk van
Johanna De Prins met Hendrik van Rode. We hebben
evenwel geen zekerheid over het precieze wapen.
Zie ook de geheel afwijkende
vormgeving in het midden hieronder en de schets uiterst rechts die aan dezelfde
persoon worden toegewezen. Links onder een wapen dat in Meise zou zijn
gevoerd omstreeks 1517 en dat een generatie later zou zijn gevoerd na het
bovenstaande wapen.

1830 – Colette Lauwens en
Pieter Jan De Prins uit Leest en nieuw geld in het prille België
Colette Lauwens en
Pieter Jan De Prins werden geboren in het Verenigd Koninkrijk der
Nederlanden, en waren nog tieners toen België onafhankelijk werd. Hun
kinderen zouden opgroeien in een nieuwe staat.
De vrede na de val van Napoleon was
van korte duur geweest. Heel wat landbouwers waren in de industrie gaan
werken en vormden "het proletariaat". In 1814 was de industrie al
verzwakt door de concurrentie van Engeland, en in 1817 brak een zware economische
crisis uit die gepaard ging met een slechte oogst. Werkloosheid en
hongersnood gingen hand in hand. Nieuwe belastingen, zoals op het malen en
het slachten, voerden de voedselprijzen op. Er werd ingezet op mechanisatie
en arbeiders verloren daardoor hun werk aan machines. De opkomst van de
stoommachine was hierin niet onbelangrijk. De onvrede groeide bij de
bevolking. Willem I legde godsdienstvrijheid op, en het Nederlands als
voertaal (ook in het Zuiden) en joeg zich daarmee de (katholieke)
geestelijken en de adel en een deel van de burgerij tegen zich in het
harnas.
Afbeelding: Nederlandse munten; geslagen in Brussel, uit de
periode dat België tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden behoorde.
    
In 1830 was er dan de Julirevolutie
in Frankrijk, en de burgerij, die rijker was geworden in de Franse en
Nederlandse tijd, probeerde vergeefs een opstand te bedwingen terwijl de
sfeer steeds grimmiger werd in de steden. Ook een bezoek van Willem I aan Brussel,
in augustus 1830, en de oprichting van een 'burgerwacht', konden het tij
niet keren. Opstandjes en muiterij mondden uit in een
onafhankelijkheidsstrijd.
Afbeelding: de eerste Belgische munten [© Afbeeldingen munten uit private collectie laurentii.be].
     
|