|
GENa
XVII -
001251 - GEZIN Stiernet – Lauwens 1779 Bousval
Jean François Stiernet huwde op 29 november 1779
in Bousval (Genappe) met Marie-Thérèse Lauwens . Bij
het huwelijk werkten zij als dienstknecht en dienstmeid in Bousval. Marie-Thérèse
Lauwens was gedoopt op 9 december 1749 in Bousval Saint-Barthélemy als dochter van Antoine Lauwens en Marie Joseph Miesse
[ZIE GENa XVI – 001096]. Jean François Stiernet ‘le vieux’ was geboren op 1
juli 1749 in Bousval als zoon van Nicolas Stiernet en Jeanne Marie
Brassinne. Een zus van Jean François, Marie Françoise Stiernet, was op 8
april 1777 in Bousval gehuwd met Jean François Coquette, een zoon van
Pierre Cocquette en Marie Madeleine Miesse, verwant met hun moeder.
Jean François overleed op
25 maart 1829 in Bousval, 79 jaar oud, toen Bousval tot het Verenigd
Koninkrijk der Nederlanden behoorde. Marie-Thérèse bleef zes jaar weduwe,
maakte het ontstaan van België nog mee, en overleed op 6 november 1835 in
Bousval, 85 jaar oud.
·
Jean
Antoine Stiernet werd geboren
op 4 mei 1781 in Bousval. Hij huwde er op 25 oktober 1809 met Marie Joseph
Vanoemberg, een dochter van Jean Louis Joseph Vanoemberg en Anne-Marie
Brasseur, en overleed op 13 januari 1864 in Bousval, 82 jaar oud.
·
Stanislas
Joseph Stiernet werd geboren op 12 maart 1784 in Bousval.
Hij overleed er op 20 maart 1796, 12 jaar oud.
·
Marie-Reine
Stiernet werd geboren op 5 januari 1790 in Bousval. Zij
overleed er op 17 januari 1791, 1 jaar oud.
·
Jean
François Stiernet ‘le jeune’
werd geboren op 5 maart 1794 in Bousval. Hij huwde er op 1 september 1824
met Marie-Claire Gérard, een dochter van Jean Ghislain Gérard en Marie
Joseph Englebert. Hij overleed op 7 mei 1880 in Bousval, 86 jaar oud. Een
zoon Jean-François Stiernet III [generatie XIX] zou in 1859 om 22-jarige leeftijd overlijden
in Bousval. Jean François ‘le vieux’ en Marie-Thérèse hebben deze kleinzoon niet meer gekend.
|
1815
– Het gezin Stiernet -Lauwens in Genappe maakte de Slag van Quatre Bras van
dichtbij mee
Het gezin van Jean François
Stiernet en Marie-Thérèse Lauwens maakte
de krijgsverrichtingen tussen de Franse napoleontische troepen en de
geallieerden van nabij mee toen op 16 juni 1815 de slag bij Quatre Bras [zie
prent van de prins van Oranje bij Quatre Bras, 1900, onder publiek domein],
een deelgemeente van Genappe op zo’n 5 km afstand, en op 18 juni 1815 de ‘Slag
bij Waterloo’ op zo’n 14 km afstand plaats vonden.
Britse troepen onder Picton en onder de hertog
van Brunswijk waren Genappe gepasseerd voorafgaand aan de slag van Quatre
Bras en het was het verzamelpunt van de 2e brigade van Nederlandse
generaal graaf de Perponcher, bestaande uit Nassause bataljons en de
Bijleveldse artillerie onder de prins van Oranje. Ook de slag bij Ligny,
omstreeks hetzelfde tijdstip als de slag van Quatre Bras, op 16 juni 1815,
waar Napoleon zijn laatste militaire overwinning behaalde, lag vermoedelijk
op gehoorsafstand, zo’n 18 km verderop. Verwanten van Miesse woonden overigens
in Plancenoit, vlakbij Waterloo.
De heldhaftige, door de Britse
geschiedschrijvers voor eeuwen miskende, weerstand van de Nederlands-Belgische
troepen onder de Prins van Oranje bij Quatre Bras betekende een keerpunt voor
de geallieerde overwinning die in Waterloo een eindpunt vond. Het waren
deze troepen die, in de minderheid tegenover de Franse invallers, met
aanzienlijke verliezen het Franse leger hadden weten tegen te houden. De (in
Brussel feestvierende) Britten hadden de drieste aanval niet zien aankomen
en kregen door het verzet van de Nederlanders en de Belgen de kans om in de
verdediging te gaan.
Zonder hen was de stad in handen gevallen van
Napoleon en had het Franse keizerrijk opnieuw voet aan wal gekregen in de Zuidelijke
Nederlanden. Tijdens de Slag van Waterloo speelden de Nederlands-Belgische
troepen overigens opnieuw een doorslaggevende rol. Het restant van deze
troepen wist de keizerlijke Garde op de vlucht te drijven toen Napoleon
zijn finaal offensief had ingezet. Op zich was dat niet verbazend: de
Nederlands-Belgische troepen onder de Perponcher waren geharde
vechtjassen, vaak veteranen van het vroegere Napoleontische leger,
tegenover wie Wellington argwanend stond uit (onterechte) vrees dat ze van
kamp zouden kunnen wisselen. Ze stelden niet teleur en kregen hiervoor eeuwenlang
niet eens de erkenning die ze verdienden – soms afgedaan als lafaards door
de Britse geschiedschrijvers in de profileringsdrang van Wellington als “held
van Waterloo”.

Afbeelding: schilderij van Henri
Félix Emmanuel Philippoteaux (1815-1884) dat de Slag bij Waterloo
uitbeeldde die plaats vond op 18 juni 1815. Het was één van de
ingrijpendste gebeurtenissen aan het begin van de 19e eeuw. Het
kanongebulder moet tot in Bousval, in vogelvlucht zo’n 13 km verder,
hoorbaar zijn geweest. Bousval bleef zelf gespaard van het oorlogsgeweld.
De schilder [zie foto rechtsboven] had
de slag niet persoonlijk meegemaakt. Hij was op 3 april 1815 geboren in
Parijs, enkele maanden voor de veldslag plaats vond [afbeeldingen
onder publiek domein, 1874]. Hij was bekend voor zijn panoramische
schilderijen van epische veldslagen (belegering van Parijs, slag van
Montebello, Frans-Duitse oorlog, slag van Gettysburg).
|