|
BRUg IV – 000016 - GEZIN Lauwereyns
– van Pillenrode, 1360 Brugge
Gielis
Lauwereyns I (Lauwerens, Laurin, Lauwaerts, Lauwers) huwde omstreeks 1360 in Brugge met Barbara van Pillenrode,
dochter van ridder Boudewijn van Pillenrode, heer van Billemstede. Gielis Lauwereyns I was geboren omstreeks 1331 in Brugge als zoon
van Marc Lauwereyns en Marie van
Ravensvelde [ZIE BRUg III – 000015c]. Hij was acht
jaar oud toen hij zijn vader verloor. Zijn eerste
echtgenote overleed op 4 augustus 1368. Hij had een tweede relatie in 1370
en overleed in juni 1381.
Zijn
grootmoeder was in 1289, na het overlijden van grootvader Willemar
Lauwereyns ,
hertrouwd met Willemar van Alsemberghe, en hij had een tante
Mathilde van Alsemberghe, geboren omstreeks 1290. Via het tweede
huwelijk van zijn grootmoeder ontstond een band met het hertogdom Brabant –
Alsemberg bij Beersel en Ravensvelde bij Opwijk verwezen in dit opzicht
naar Brabantse plaatsen.
·
Gielis
Lauwereyns II werd
geboren omstreeks 1364 in Brugge. Hij was jonker,
ridder, en raadsheer
van Filip van Valois, de hertog van
Bourgogne, toen graaf van Vlaanderen. Hij reisde mee in het gevolg van de graaf tot diens overlijden op 27
maart 1404 in Halle in het hertogdom Brabant. Hij vestigde
zich nadien in Brugge
waar hij zelf overleed op 8 december 1413, en waar hij begraven werd in de Collegiale
Kerk van de Heilige Verlosser.
Zijn
graftombe werd beschreven als “une
grande tombe de pierre bleue, onrnée
de ses Armoiries & lisières en cuivre, avec une inscription Flamande sur le même métal.” Hij was gehuwd
met Katrien van Roeselare, dochter van Jozef, heer
van Roeselare. Zij overleed op 12 april 1415 [ZIE BRUg V – 000021]. Gielis Lauwereyns
II had een buitenechtelijke relatie gehad in 1410 [ZIE BRUg V – 000026].
Kinderen uit het tweede huwelijk van
Gielis I Lauwereyns:
·
Een zoon, André
Lauwereyns , werd
geboren omstreeks 1371 en emigreerde naar Spanje en huwde in Lepe nabij
Cádiz.
·
Peter
Lauwereyns , werd geboren
omstreeks 1372 in Brugge, was ridder, kamerheer en raadsheer van
Adolf, hertog van Cleves. Hij huwde
Petronella de Boodt van de notabele Brusselse familie. Hij overleed op 29 juni 1454. Zijn echtgenote
overleed eerder op 15 augustus 1449 [ZIE BRUg VII – 000027].
·
Margriet
Lauwereyns , werd geboren
omstreeks 1373 en was begijn in 1426.
|
1400 - Peter
Lauwereyns was kamerheer van Adolf IV, hertog van Cleves
Peter Lauwereyns was kamerheer van Adolf IV, hertog van Cleves/Cleven/Kleef.
Ridder Adolf (IV) van Cleven (1373-1443) was heer van Ravestein,
heer van Beselaere, van Winendale. De hertog van Kleef
werd in Brugge vermeld met ridders Lodewijk de Baenst, Jan van
der Gruuthuuse (seneschal van Anjou), Jan de Baenst, heer
van Sint-Joris en Jan de Baenst, heer van Lembeke.
Adolf IV huwde Maria van Bourgondië (-1463), dochter van hertog
Jan zonder Vrees, in mei 1415.
|
|
1360 – Ridder Gielis I Lauwereyns, raadsheer van Lodewijk
van Male, graaf van Vlaanderen
Ridder Gielis I
Lauwereyns was raadsheer van Lodewijk van Male,
graaf van Vlaanderen (1330-1384). Lodewijk van Male
was enig kind en opvolger van Lodewijk I uit het Huis Dampierre en
van Margaretha van Frankrijk. Hij was als Lodewijk II, graaf van
Vlaanderen, van Nevers en Rethel van 1346 tot zijn dood in 1384. Gielis
I Lauwereyns diende net als zijn overgrootvader Odin
het huis van Dampierre, van wie
Lodewijk van Male afstamde.
Na
de Slag bij Crécy op 26 augustus 1346, waar
Lodewijk van Male als zestienjarige streed voor Filips VI van Frankrijk en
waarin hij ernstige verwondingen opliep, terwijl zijn vader er sneuvelde,
verbleef hij tot november 1346 op het kasteel van de hertog van Brabant in
Tervuren.
Op
1 juli 1347 had in Tervuren zijn verloving plaats met Margaretha, dochter
van Jan III van Brabant, met wie hij kort daarna in het huwelijk
trad in Vilvoorde. Na het overlijden van Jan III van Brabant in 1355
en onder het voorwendsel dat zijn schoonvader de Brabantse successie had
geregeld zonder zijn goedkeuring, viel Lodewijk zijn zwager hertog
Wenceslaus I van Luxemburg (echtgenoot van zijn schoonzuster Johanna van
Brabant) aan en versloeg hem in Scheut (17 augustus 1356), in wat de
Brabantse Successieoorlog genoemd werd. Als gevolg van deze overwinning nam
hij de steden Mechelen, Antwerpen, Leuven en Brussel in. Bij de Vrede van Aat
(3 juni 1357) verwierf hij ook wettelijk de heerlijkheid Mechelen en de
stad Antwerpen. Hij eigende zich door de wapenfeiten van 1356 ook de titel
van hertog van Brabant toe, doch hij werd er niet erkend.
In
het gevolg van Lodewijk van Male deed Gielis I Mechelen en mogelijk
Antwerpen aan. In deze generatie kennen we ook zijn nicht (dochter van zijn
nonkel Simon) Katelijne Lauwereyns [ZIE MEC IV – 000015]
die omstreeks 1321 aan de Scheiselberg te Mechelen woonde en er huwde met
ridder Willem de Baenst, in Mechelen ook van der Bienst
genoemd, van wie zij als weduwe werd vermeld in 1335.
Een
huis aan de Scheiselberg zou door Gielis van Alsemberghe in 1354
worden verkocht aan het Gasthuis van Heilige Drievuldigheid terwijl de
familie Van der Bie(n)st, toen woonachtig in Puurs, er in 1414 nog
gronden had (verkoop van lijfpacht rogge).
De Scheiselberg, onder meer vermeld in 1294,
1324, 1344 (Scheysselberg) en in 1346 in Mechelen, was een lichte
verhevenheid in het landschap. Het goed zou gelegen hebben aan de “Nieuwenlanden”
(huidige Ham en aanhorige Nekkerspoel en hof van Beffer, nabij het hof van
Pitsemburg) buiten de Koepoort/ Kerkhofpoort in Mechelen.
|